BWBR0043518
Geldig vanaf 2020-05-13
Artikel 3
Mandaatbesluit Directoraat-Generaal Belastingdienst 2020
1. Bij tijdelijke afwezigheid of verhindering van de gemandateerde of gevolmachtigde worden diens taken volledig uitgeoefend door een aangewezen plaatsvervanger. De aanwijzing van een plaatsvervanger geschiedt door de mandaatgever of gevolmachtigde met inachtneming van het Organisatiebesluit directoraat-generaal Belastingdienst 2020en in overeenstemming met de algemene leiding DGBD ten aanzien van de directeuren van de topstructuur DGBD.
De aanwijzing van een plaatsvervanger anders dan plaatsvervanger voor de directeuren van de topstructuur DGBD, geschiedt door de directeur van de topstructuur DGBD van het betreffende organisatieonderdeel met inachtneming van het Organisatiebesluit directoraat-generaal Belastingdienst 2020.
2. Bij gelijktijdige tijdelijke afwezigheid of verhindering van de gemandateerde of gevolmachtigde en diens plaatsvervanger worden de taken volledig uitgeoefend door de naasthogere leidinggevende functionaris.
De aanwijzing van een plaatsvervanger anders dan plaatsvervanger voor de directeuren van de topstructuur DGBD, geschiedt door de directeur van de topstructuur DGBD van het betreffende organisatieonderdeel met inachtneming van het Organisatiebesluit directoraat-generaal Belastingdienst 2020.
2. Bij gelijktijdige tijdelijke afwezigheid of verhindering van de gemandateerde of gevolmachtigde en diens plaatsvervanger worden de taken volledig uitgeoefend door de naasthogere leidinggevende functionaris.