BWBR0043437
Geldig vanaf 2020-04-30
Artikel 7
Subsidieregeling renovatieversneller
1. De subsidie bedraagt voor 2020 per woning:
a. voor eengezinswoningen met een bouwjaar tot 1995 en een netto warmtevraag van 50 tot 70 kWh per vierkante meter per jaar na renovatie: € 3.000;
b. voor eengezinswoningen met een bouwjaar tot 1995 en een netto warmtevraag lager dan 50 kWh per vierkante meter per jaar na renovatie: € 7.000;
c. voor meergezinswoningen met een bouwjaar tot 1995 en een netto warmtevraag van 50 tot 70 kWh per vierkante meter per jaar na renovatie: € 2.000;
d. voor meergezinswoningen met een bouwjaar tot 1995 en een netto warmtevraag lager dan 50 kWh per vierkante meter per jaar na renovatie: € 4.000.
2. De totale subsidie aan een woningeigenaar bedraagt niet meer dan € 7,5 miljoen en voor een renovatieproject niet meer dan € 10 miljoen.
3. Indien een duurzame energie-installatie onderdeel uitmaakt van het standaardmaatregelenpakket, komt er een opslag op het forfaitair bedrag, genoemd in het eerste lid. De hoogte van deze opslag is gelijk aan het bedrag dat voor het betreffende type installatie geldt op basis van de subsidiemodule Investeringssubsidie duurzame energie (ISDE) volgens artikel 4.5.1 van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies.
4. Ten aanzien van de woningen, bedoeld in artikel 6, derde lid, onderdeel b, onder 3°, geldt eenzelfde forfaitair bedrag als voor de overige woningen in het renovatieproject met hetzelfde standaardmaatregelenpakket.
5. De minister stelt voor 2021, 2022 en 2023 de forfaitaire bedragen vast en maakt deze bekend in de Staatscourant twee weken voor aanvang van het tijdvak waarop deze bedragen van toepassing zijn.
a. voor eengezinswoningen met een bouwjaar tot 1995 en een netto warmtevraag van 50 tot 70 kWh per vierkante meter per jaar na renovatie: € 3.000;
b. voor eengezinswoningen met een bouwjaar tot 1995 en een netto warmtevraag lager dan 50 kWh per vierkante meter per jaar na renovatie: € 7.000;
c. voor meergezinswoningen met een bouwjaar tot 1995 en een netto warmtevraag van 50 tot 70 kWh per vierkante meter per jaar na renovatie: € 2.000;
d. voor meergezinswoningen met een bouwjaar tot 1995 en een netto warmtevraag lager dan 50 kWh per vierkante meter per jaar na renovatie: € 4.000.
2. De totale subsidie aan een woningeigenaar bedraagt niet meer dan € 7,5 miljoen en voor een renovatieproject niet meer dan € 10 miljoen.
3. Indien een duurzame energie-installatie onderdeel uitmaakt van het standaardmaatregelenpakket, komt er een opslag op het forfaitair bedrag, genoemd in het eerste lid. De hoogte van deze opslag is gelijk aan het bedrag dat voor het betreffende type installatie geldt op basis van de subsidiemodule Investeringssubsidie duurzame energie (ISDE) volgens artikel 4.5.1 van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies.
4. Ten aanzien van de woningen, bedoeld in artikel 6, derde lid, onderdeel b, onder 3°, geldt eenzelfde forfaitair bedrag als voor de overige woningen in het renovatieproject met hetzelfde standaardmaatregelenpakket.
5. De minister stelt voor 2021, 2022 en 2023 de forfaitaire bedragen vast en maakt deze bekend in de Staatscourant twee weken voor aanvang van het tijdvak waarop deze bedragen van toepassing zijn.