BWBR0043381
Geldig vanaf 2021-05-18
Artikel 6
Regeling Sportakkoord en leefstijlinterventies 2020–2022
1. De minister neemt binnen 17 weken na 8 juni 2020 een besluit omtrent de verlening van de uitkering voor het jaar 2020.
2. De Minister neemt in 2021 binnen 17 weken na 8 november van het betreffende jaar een besluit omtrent de verlening van de uitkering.
3. De Minister neemt 9 weken na 31 januari 2022 van het betreffende jaar een besluit omtrent de verlening van de uitkering.
4. De Minister neemt voor de uitkering, bedoeld in artikel 2, derde lid, in 2021 binnen 13 weken na publicatie van deze regeling in de Staatscourant.
5. Het besluit tot verlening vermeldt in elk geval voor welke activiteiten de uitkering verleend wordt, het bedrag van de uitkering, de wijze van verantwoording, de periode waarvoor de uitkering wordt verleend en de wijze waarop het verrichten van de activiteiten kan worden aangetoond.
6. De minister verleent bij het besluit tot verlening van de uitkering een voorschot van 100% dat in één keer wordt betaald.
2. De Minister neemt in 2021 binnen 17 weken na 8 november van het betreffende jaar een besluit omtrent de verlening van de uitkering.
3. De Minister neemt 9 weken na 31 januari 2022 van het betreffende jaar een besluit omtrent de verlening van de uitkering.
4. De Minister neemt voor de uitkering, bedoeld in artikel 2, derde lid, in 2021 binnen 13 weken na publicatie van deze regeling in de Staatscourant.
5. Het besluit tot verlening vermeldt in elk geval voor welke activiteiten de uitkering verleend wordt, het bedrag van de uitkering, de wijze van verantwoording, de periode waarvoor de uitkering wordt verleend en de wijze waarop het verrichten van de activiteiten kan worden aangetoond.
6. De minister verleent bij het besluit tot verlening van de uitkering een voorschot van 100% dat in één keer wordt betaald.