BWBR0043381
Geldig vanaf 2021-05-18
Artikel 5
Regeling Sportakkoord en leefstijlinterventies 2020–2022
1. Een uitkering voor de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste en tweede lid, wordt op aanvraag verstrekt.
2. Voor de aanvraag tot verlening van de uitkering wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.
3. De aanvraag tot verlening van een uitkering voor het jaar 2020 kan worden ingediend tot en met 8 juni 2020.
4. De aanvraag tot verlening van een uitkering voor 2021 kan worden ingediend tot en met 8 november voorafgaand aan het jaar waarvoor de uitkering wordt aangevraagd.
5. De aanvraag tot verlening van een uitkering voor het jaar 2022 kan worden ingediend tot en met 31 januari 2022.
6. De aanvraag gaat vergezeld van een ondertekende intentieverklaring volgens het model in Bijlage I.
7. In afwijking van het vijfde lid gaat een aanvraag als bedoeld in artikel 9vergezeld van een ondertekende intentieverklaring volgens het model in Bijlage II.
8. In afwijking van het vijfde en het zesde lid gaat een aanvraag van de gemeenten Amsterdam, Den Haag, Eindhoven, Rotterdam en Utrecht, vergezeld van een ondertekende intentieverklaring volgens het model uit Bijlage III. Dit model ziet ook op een door deze gemeenten ingediende aanvraag als bedoeld in artikel 9.
2. Voor de aanvraag tot verlening van de uitkering wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.
3. De aanvraag tot verlening van een uitkering voor het jaar 2020 kan worden ingediend tot en met 8 juni 2020.
4. De aanvraag tot verlening van een uitkering voor 2021 kan worden ingediend tot en met 8 november voorafgaand aan het jaar waarvoor de uitkering wordt aangevraagd.
5. De aanvraag tot verlening van een uitkering voor het jaar 2022 kan worden ingediend tot en met 31 januari 2022.
6. De aanvraag gaat vergezeld van een ondertekende intentieverklaring volgens het model in Bijlage I.
7. In afwijking van het vijfde lid gaat een aanvraag als bedoeld in artikel 9vergezeld van een ondertekende intentieverklaring volgens het model in Bijlage II.
8. In afwijking van het vijfde en het zesde lid gaat een aanvraag van de gemeenten Amsterdam, Den Haag, Eindhoven, Rotterdam en Utrecht, vergezeld van een ondertekende intentieverklaring volgens het model uit Bijlage III. Dit model ziet ook op een door deze gemeenten ingediende aanvraag als bedoeld in artikel 9.