BWBR0043324
Geldig vanaf 2020-03-31
Artikel 6
Beleidsregel tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19
1. De minister kan de hoogte van de tegemoetkoming binnen vijf jaar na de verstrekking herzien dan wel de beschikking tot de tegemoetkoming intrekken, indien blijkt dat de tegemoetkoming, door onjuiste gegevensverstrekking door de gedupeerde onderneming, niet in overeenstemming met deze beleidsregel is verstrekt, of indien de gedupeerde onderneming de bewijsstukken, bedoeld in het tweede lid, niet overlegt.
2. Indien van toepassing, overlegt de gedupeerde onderneming desgevraagd gedurende vijf jaar na de verstrekking van de tegemoetkoming de volgende bewijsstukken aan de minister:
a. aanvullende bewijsstukken waaruit blijkt dat de gedupeerde onderneming op het moment van de aanvraag van de tegemoetkoming een vestiging had die fysiek afgescheiden was van de privéwoning van de eigenaar of eigenaren van de onderneming en voorzien was van een eigen opgang of toegang;
b. voor zover het een gedupeerde onderneming met geregistreerde nevenactiviteit betreft: bewijsstukken waaruit blijkt waar de verklaring, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel i, op gebaseerd is, zoals een kopie van de omzetgegevens uit de boekhouding of van de aangifte van de omzetbelasting over 2019 of 2020;
c. voor zover het een gedupeerde onderneming in de toeleveringsketen betreft: bewijsstukken waaruit blijkt waar de verklaring, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel j, op gebaseerd is, zoals een kopie van de omzetgegevens uit de boekhouding of van de aangifte van de omzetbelasting over 2019 of 2020;
d. voor zover het een gedupeerde zorgonderneming betreft: bewijsstukken waaruit blijkt waar de verklaring, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel k, op gebaseerd is, zoals een kopie van de omzetgegevens uit de boekhouding of van de aangifte van de omzetbelasting over 2019 of 2020 en een kopie van de stukken uit de boekhouding van 2020 waaruit blijkt wat de hoogte is van de tegemoetkomingen die de gedupeerde zorgonderneming heeft ontvangen van de zorginkopers ter compensatie van het omzetverlies als gevolg van de maatregelen ter bestrijding van COVID-19;
e. voor zover het een gedupeerde onderneming met een dorpshuis, gemeenschapshuis of wijkcentrum betreft: bewijsstukken waaruit blijkt waar de verklaring, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel l, op gebaseerd is, zoals een kopie van de omzetgegevens uit de boekhouding of van de aangifte van de omzetbelasting over 2019 of 2020;
f. voor zover het een gedupeerde vervaardigende onderneming met een retailwinkel betreft: bewijsstukken waaruit blijkt waar de verklaring, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel m, op gebaseerd is, zoals een kopie van de omzetgegevens uit de boekhouding of van de aangifte van de omzetbelasting over 2019 of 2020.
2. Indien van toepassing, overlegt de gedupeerde onderneming desgevraagd gedurende vijf jaar na de verstrekking van de tegemoetkoming de volgende bewijsstukken aan de minister:
a. aanvullende bewijsstukken waaruit blijkt dat de gedupeerde onderneming op het moment van de aanvraag van de tegemoetkoming een vestiging had die fysiek afgescheiden was van de privéwoning van de eigenaar of eigenaren van de onderneming en voorzien was van een eigen opgang of toegang;
b. voor zover het een gedupeerde onderneming met geregistreerde nevenactiviteit betreft: bewijsstukken waaruit blijkt waar de verklaring, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel i, op gebaseerd is, zoals een kopie van de omzetgegevens uit de boekhouding of van de aangifte van de omzetbelasting over 2019 of 2020;
c. voor zover het een gedupeerde onderneming in de toeleveringsketen betreft: bewijsstukken waaruit blijkt waar de verklaring, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel j, op gebaseerd is, zoals een kopie van de omzetgegevens uit de boekhouding of van de aangifte van de omzetbelasting over 2019 of 2020;
d. voor zover het een gedupeerde zorgonderneming betreft: bewijsstukken waaruit blijkt waar de verklaring, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel k, op gebaseerd is, zoals een kopie van de omzetgegevens uit de boekhouding of van de aangifte van de omzetbelasting over 2019 of 2020 en een kopie van de stukken uit de boekhouding van 2020 waaruit blijkt wat de hoogte is van de tegemoetkomingen die de gedupeerde zorgonderneming heeft ontvangen van de zorginkopers ter compensatie van het omzetverlies als gevolg van de maatregelen ter bestrijding van COVID-19;
e. voor zover het een gedupeerde onderneming met een dorpshuis, gemeenschapshuis of wijkcentrum betreft: bewijsstukken waaruit blijkt waar de verklaring, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel l, op gebaseerd is, zoals een kopie van de omzetgegevens uit de boekhouding of van de aangifte van de omzetbelasting over 2019 of 2020;
f. voor zover het een gedupeerde vervaardigende onderneming met een retailwinkel betreft: bewijsstukken waaruit blijkt waar de verklaring, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel m, op gebaseerd is, zoals een kopie van de omzetgegevens uit de boekhouding of van de aangifte van de omzetbelasting over 2019 of 2020.