BWBR0043307
Geldig vanaf 2020-05-01
Artikel 8
Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen
1. Een subsidie voor de kosten, bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder a tot en met c, bedraagt ten hoogste 40 procent van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 2.200 per woning.
2. Een subsidie voor de kosten, bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder d, bedraagt ten hoogste 30 procent van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 3.800 per woning.
3. De aanvrager van de subsidie mag de kosten als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder c, onder 7°, opvoeren bij de onder het tweede lid genoemde kosten, met hetzelfde subsidiepercentage en maximum, als:
a. de aanvrager optreedt als doorleverancier van de warmte geleverd door een andere warmteleverancier; of
b. de aanvrager kosten maakt voor het aanleggen van leidingen van het warmtenet in het gebouw en de eigendom of het beheer van deze leidingen wordt overgedragen aan de warmteleverancier.
2. Een subsidie voor de kosten, bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder d, bedraagt ten hoogste 30 procent van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 3.800 per woning.
3. De aanvrager van de subsidie mag de kosten als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder c, onder 7°, opvoeren bij de onder het tweede lid genoemde kosten, met hetzelfde subsidiepercentage en maximum, als:
a. de aanvrager optreedt als doorleverancier van de warmte geleverd door een andere warmteleverancier; of
b. de aanvrager kosten maakt voor het aanleggen van leidingen van het warmtenet in het gebouw en de eigendom of het beheer van deze leidingen wordt overgedragen aan de warmteleverancier.