BWBR0042956
Geldig vanaf 24-12-2019
Artikel 2
Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging Stichting Nederlandse Algemene Kwaliteitsdienst Tuinbouw 2019
1. Aan het hoofd Keuringen en de managers Keuringen van de Naktuinbouw wordt, ieder voor zich, mandaat, volmacht en machtiging verleend voor het nemen van beschikkingen en het verrichten van overige handelingen die verband houden met:
a. de officiële controle en andere officiële activiteiten als bedoeld in artikel 2 van verordening 2017/625 om de aanwezigheid van schadelijke organismen vast te stellen;
b. de registratie, bedoeld in artikel 65 van verordening 2016/2031;
c. het verrichten van taken ten behoeve van de afgifte van een fytosanitair uitvoercertificaat als bedoeld in artikel 100 van verordening 2016/2031 met uitzondering van de afgifte van een fytosanitair uitvoercertificaat en het eindonderzoek van de voor export gereedstaande zending;
d. het verlenen van de vergunning voor het elektronisch aanvragen van inspecties, bedoeld in artikel 20a, eerste lid, van de regeling;
e. het verrichten van officiële controles aan grenscontroleposten als bedoeld in artikel 49 van verordening 2017/625 en officiële controles die niet aan grenscontroleposten worden verricht als bedoeld in artikel 53 van verordening 2017/625;
f. het nemen van de besluiten, bedoeld in artikel 20a, derde tot en met achtste en tiende lid, van de regeling;
g. de vergunning voor het elektronisch aanvragen van inspecties, bedoeld in artikel 20a, eerste lid en 20b van de regeling;
h. de aanzegging, bedoeld in artikel 8 van het Besluit bestrijding bacterievuur 1983;
i. het mededelen van de uitslagen van de onderzoeken als bedoeld in artikel 47, eerste lid, onderdeel c, van verordening 2017/625;
j. het kenmerken of het onder verzegeling brengen als bedoeld in artikel 15 van het besluit.
2. Aan het hoofd Keuringen, de managers Keuringen en de keurmeesters van de Naktuinbouw wordt, ieder voor zich, mandaat, volmacht en machtiging verleend voor het nemen van beschikkingen en het verrichten van overige handelingen die verband houden met:
a. de verklaring, bedoeld in artikel 12, tiende lid, van de regeling;
b. de verklaring, bedoeld in artikel 12b van het besluit;
c. de routinematige monitoring op de aanwezigheid van schadelijke organismen op grond van artikel 3 van de wet en het op verzoek van de minister verrichten van overige werkzaamheden die verband houden met de aanwezigheid van een schadelijk organisme;
d. het verrichten van taken als bedoeld in artikel 15 van de regeling met uitzondering van de afgifte van een fytosanitair certificaat en het eindonderzoek van de voor export gereedstaande zending.
3. Aan het hoofd Keuringen van de Naktuinbouw wordt mandaat en machtiging verleend voor het besluit tot toepassing van artikel 12, eerste lid, van de wet voor zover het de verplichting tot het verlenen van medewerking van een krachtens artikel 10 van de wet aangewezen functionaris.
4. Aan het hoofd keuringen van de Naktuinbouw wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend voor het nemen van beschikkingen en het verrichten van overige handelingen die verband houden met het besluit tot oplegging van een last onder bestuursdwang als bedoeld in artikel 93 van de Zaaizaad en plantgoedwet 2005, aangaande het teeltmateriaal van tuinbouwgewassen, alsmede de hiermee samenhangende besluiten.
5. Aan het hoofd keuringen van de Naktuinbouw wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend voor het opleggen van een last onder bestuursdwang als bedoeld in artikel 12 van de wet en het verrichten van overige handelingen die hiermee verband houden, aangaande tuinbouw- en bosbouwgewassen.
6. Aan het hoofd Keuringen van de Naktuinbouw wordt tevens machtiging verleend voor de uitgifte van legitimatiebewijzen aan de medewerkers van de Naktuinbouw die zijn aangewezen als toezichthouder als bedoeld in artikel 10 van de wet.
7. Aan het hoofd Keuringen, de managers Keuringen en de keurmeesters van de Naktuinbouw wordt, ieder voor zich, machtiging verleend voor het mededelen van de uitslagen van de onderzoeken als bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de regeling.
8. Aan de managers Keuringen de keurmeesters en de inspectiemedewerkers bacterievuurcontrole van de Naktuinbouw wordt, ieder voor zich, machtiging verleend voor het kenmerken of het onder verzegeling brengen als bedoeld in artikel 15 van het besluit.
9. Aan de managers Keuringen en de keurmeesters van de Naktuinbouw wordt, ieder voor zich, machtiging verleend voor het verrichten van overige handelingen als bedoeld in artikel 20b van de regeling.
a. de officiële controle en andere officiële activiteiten als bedoeld in artikel 2 van verordening 2017/625 om de aanwezigheid van schadelijke organismen vast te stellen;
b. de registratie, bedoeld in artikel 65 van verordening 2016/2031;
c. het verrichten van taken ten behoeve van de afgifte van een fytosanitair uitvoercertificaat als bedoeld in artikel 100 van verordening 2016/2031 met uitzondering van de afgifte van een fytosanitair uitvoercertificaat en het eindonderzoek van de voor export gereedstaande zending;
d. het verlenen van de vergunning voor het elektronisch aanvragen van inspecties, bedoeld in artikel 20a, eerste lid, van de regeling;
e. het verrichten van officiële controles aan grenscontroleposten als bedoeld in artikel 49 van verordening 2017/625 en officiële controles die niet aan grenscontroleposten worden verricht als bedoeld in artikel 53 van verordening 2017/625;
f. het nemen van de besluiten, bedoeld in artikel 20a, derde tot en met achtste en tiende lid, van de regeling;
g. de vergunning voor het elektronisch aanvragen van inspecties, bedoeld in artikel 20a, eerste lid en 20b van de regeling;
h. de aanzegging, bedoeld in artikel 8 van het Besluit bestrijding bacterievuur 1983;
i. het mededelen van de uitslagen van de onderzoeken als bedoeld in artikel 47, eerste lid, onderdeel c, van verordening 2017/625;
j. het kenmerken of het onder verzegeling brengen als bedoeld in artikel 15 van het besluit.
2. Aan het hoofd Keuringen, de managers Keuringen en de keurmeesters van de Naktuinbouw wordt, ieder voor zich, mandaat, volmacht en machtiging verleend voor het nemen van beschikkingen en het verrichten van overige handelingen die verband houden met:
a. de verklaring, bedoeld in artikel 12, tiende lid, van de regeling;
b. de verklaring, bedoeld in artikel 12b van het besluit;
c. de routinematige monitoring op de aanwezigheid van schadelijke organismen op grond van artikel 3 van de wet en het op verzoek van de minister verrichten van overige werkzaamheden die verband houden met de aanwezigheid van een schadelijk organisme;
d. het verrichten van taken als bedoeld in artikel 15 van de regeling met uitzondering van de afgifte van een fytosanitair certificaat en het eindonderzoek van de voor export gereedstaande zending.
3. Aan het hoofd Keuringen van de Naktuinbouw wordt mandaat en machtiging verleend voor het besluit tot toepassing van artikel 12, eerste lid, van de wet voor zover het de verplichting tot het verlenen van medewerking van een krachtens artikel 10 van de wet aangewezen functionaris.
4. Aan het hoofd keuringen van de Naktuinbouw wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend voor het nemen van beschikkingen en het verrichten van overige handelingen die verband houden met het besluit tot oplegging van een last onder bestuursdwang als bedoeld in artikel 93 van de Zaaizaad en plantgoedwet 2005, aangaande het teeltmateriaal van tuinbouwgewassen, alsmede de hiermee samenhangende besluiten.
5. Aan het hoofd keuringen van de Naktuinbouw wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend voor het opleggen van een last onder bestuursdwang als bedoeld in artikel 12 van de wet en het verrichten van overige handelingen die hiermee verband houden, aangaande tuinbouw- en bosbouwgewassen.
6. Aan het hoofd Keuringen van de Naktuinbouw wordt tevens machtiging verleend voor de uitgifte van legitimatiebewijzen aan de medewerkers van de Naktuinbouw die zijn aangewezen als toezichthouder als bedoeld in artikel 10 van de wet.
7. Aan het hoofd Keuringen, de managers Keuringen en de keurmeesters van de Naktuinbouw wordt, ieder voor zich, machtiging verleend voor het mededelen van de uitslagen van de onderzoeken als bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de regeling.
8. Aan de managers Keuringen de keurmeesters en de inspectiemedewerkers bacterievuurcontrole van de Naktuinbouw wordt, ieder voor zich, machtiging verleend voor het kenmerken of het onder verzegeling brengen als bedoeld in artikel 15 van het besluit.
9. Aan de managers Keuringen en de keurmeesters van de Naktuinbouw wordt, ieder voor zich, machtiging verleend voor het verrichten van overige handelingen als bedoeld in artikel 20b van de regeling.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0042956
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl