BWBR0042863
Geldig vanaf 2020-01-01
Artikel 10
Regeling vertrouwenspersonen integriteit en ongewenste omgangsvormen en Klachtencommissie ongewenste omgangsvormen AZ
1. De commissie wordt telkens na het indienen van een klacht samengesteld.
2. De commissie bestaat uit:
a. een voorzitter, tevens lid, niet werkzaam onder de verantwoordelijkheid van de minister;
b. ten minste twee overige leden.
3. De leden van de commissie hebben zo nodig plaatsvervangers.
4. Bij afwezigheid van de voorzitter treedt een van de andere leden of een plaatsvervangend lid op als voorzitter.
5. De Manager Arbeidsjuridisch Advies van UBR | Personeel i.o. benoemt de leden en de plaatsvervangend leden van de commissie, waarbij de Manager Unit P&O/I een bij het ministerie werkzame persoon als lid kan voordragen.
2. De commissie bestaat uit:
a. een voorzitter, tevens lid, niet werkzaam onder de verantwoordelijkheid van de minister;
b. ten minste twee overige leden.
3. De leden van de commissie hebben zo nodig plaatsvervangers.
4. Bij afwezigheid van de voorzitter treedt een van de andere leden of een plaatsvervangend lid op als voorzitter.
5. De Manager Arbeidsjuridisch Advies van UBR | Personeel i.o. benoemt de leden en de plaatsvervangend leden van de commissie, waarbij de Manager Unit P&O/I een bij het ministerie werkzame persoon als lid kan voordragen.