BWBR0042731
Geldig vanaf 2020-10-12
Artikel 5
Subsidieregeling kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg 2020 – 2024
1. De subsidiabele kosten bestaan uit personeelskosten en operationele kosten.
2. Voor de personeelskosten ten behoeve van het subsidiejaar 2024 wordt gerekend met een standaard uurtarief dat € 49,96 bedraagt voor de instellingen niet zijnde een universitair medisch centrum en € 57,30 voor de universitair medische centra. Voor de operationele kosten wordt gerekend met een opslag van 30% op dat standaard uurtarief.
3. In afwijking van het tweede lid kan de aanvrager kiezen voor een aanvraag op basis van de werkelijke kosten.
4. De kosten gemoeid met de activiteiten, bedoeld in artikel 4, eerste lid, komen in aanmerking voor subsidie indien het een van de volgende kostencategorieën betreft:
a. personeelskosten van de opleiders, voor de uren dat de opleiders aan de opleidingsactiviteiten deelnemen;
b. rechtstreeks met het jaarplan verband houdende operationele kosten van opleiders en deelnemers aan de opleidingsactiviteiten, zoals reiskosten, materiaal en benodigdheden die rechtstreeks met het project verband houden, de afschrijving van werktuigen en uitrusting voor zover deze uitsluitend voor het opleidingsproject worden gebruikt;
c. kosten van adviesdiensten met betrekking tot het opleidingsproject;
d. de personeelskosten van de deelnemers aan de opleiding en algemene indirecte kosten voor de uren dat de deelnemers de opleiding bijwonen.
5. Accommodatie- en verblijfskosten komen niet in aanmerking voor subsidie.
2. Voor de personeelskosten ten behoeve van het subsidiejaar 2024 wordt gerekend met een standaard uurtarief dat € 49,96 bedraagt voor de instellingen niet zijnde een universitair medisch centrum en € 57,30 voor de universitair medische centra. Voor de operationele kosten wordt gerekend met een opslag van 30% op dat standaard uurtarief.
3. In afwijking van het tweede lid kan de aanvrager kiezen voor een aanvraag op basis van de werkelijke kosten.
4. De kosten gemoeid met de activiteiten, bedoeld in artikel 4, eerste lid, komen in aanmerking voor subsidie indien het een van de volgende kostencategorieën betreft:
a. personeelskosten van de opleiders, voor de uren dat de opleiders aan de opleidingsactiviteiten deelnemen;
b. rechtstreeks met het jaarplan verband houdende operationele kosten van opleiders en deelnemers aan de opleidingsactiviteiten, zoals reiskosten, materiaal en benodigdheden die rechtstreeks met het project verband houden, de afschrijving van werktuigen en uitrusting voor zover deze uitsluitend voor het opleidingsproject worden gebruikt;
c. kosten van adviesdiensten met betrekking tot het opleidingsproject;
d. de personeelskosten van de deelnemers aan de opleiding en algemene indirecte kosten voor de uren dat de deelnemers de opleiding bijwonen.
5. Accommodatie- en verblijfskosten komen niet in aanmerking voor subsidie.