BWBR0042549
Geldig vanaf 2019-09-17
Artikel 4
Subsidieregeling flexibel beroepsonderwijs derde leerweg
1. Een samenwerkingsverband bestaat uit meerdere instellingen waarvan minimaal één bekostigde en één niet-bekostigde instelling.
2. De instellingen die deelnemen aan een samenwerkingsverband verklaren dat:
a. een bevoegd gezag van een bekostigde instelling als penvoerder gemachtigd is de betrokken instellingen in en buiten rechte te vertegenwoordigen in het kader van de subsidieaanvraag;
b. elk van de instellingen meewerkt aan de voortgangsrapportage alsmede de eindverantwoording en dat alle gegevens die daarvoor noodzakelijk zijn op verzoek aan de penvoerder worden verstrekt; en
c. de instellingen op basis van gelijkwaardigheid deel nemen aan het samenwerkingsverband.
3. Een subsidie die wordt aangevraagd door een penvoerder, wordt verleend aan en verantwoord door de penvoerder.
4. Op de penvoerder rusten alle aan de subsidie verbonden verplichtingen ongeacht welke instelling feitelijk belast is met de uitvoering van de daarop betrekking hebbende werkzaamheden.
5. Een bekostigde instelling kan penvoerder zijn van ten hoogste twee samenwerkingsverbanden.
2. De instellingen die deelnemen aan een samenwerkingsverband verklaren dat:
a. een bevoegd gezag van een bekostigde instelling als penvoerder gemachtigd is de betrokken instellingen in en buiten rechte te vertegenwoordigen in het kader van de subsidieaanvraag;
b. elk van de instellingen meewerkt aan de voortgangsrapportage alsmede de eindverantwoording en dat alle gegevens die daarvoor noodzakelijk zijn op verzoek aan de penvoerder worden verstrekt; en
c. de instellingen op basis van gelijkwaardigheid deel nemen aan het samenwerkingsverband.
3. Een subsidie die wordt aangevraagd door een penvoerder, wordt verleend aan en verantwoord door de penvoerder.
4. Op de penvoerder rusten alle aan de subsidie verbonden verplichtingen ongeacht welke instelling feitelijk belast is met de uitvoering van de daarop betrekking hebbende werkzaamheden.
5. Een bekostigde instelling kan penvoerder zijn van ten hoogste twee samenwerkingsverbanden.