BWBR0042467
Geldig vanaf 2019-08-01
Artikel 5
Besluit waardering verzekeringsvorderingen in faillissement
1. Indien de curator met toepassing van artikel 213ka van de Faillissementswetheeft verklaard dat de overeenkomst niet wordt nagekomen, zijn de waarde van het toegezegde rendement en de waarde van de toegezegde risicoafdekking op premies die niet zijn betaald op het tijdstip van faillietverklaring nihil.
2. De wederpartij heeft slechts een vordering tot teruggave van het deel van de door de wederpartij betaalde premies of koopsom dat betrekking heeft op het nog niet verstreken deel van de looptijd van de polis op het in onderdeel b bedoelde tijdstip indien:
a. het een verzekering betreft waarbij een verzekeraar zich uitsluitend heeft verbonden tot het verrichten van een uitkering wanneer een onzeker voorval zich voor een bepaald tijdstip voordoet:
b. de curator met toepassing van artikel 213kaa van de Faillissementswet de overeenkomst na drie maanden heeft beëindigd; en
c. het voorval zich niet heeft voorgedaan voorafgaand aan het tijdstip met ingang waarvan de verzekering is beëindigd.
3. De hoogte van een vordering uit hoofde van een verzekering waarbij de verzekeraar zich heeft verbonden tot het verrichten van een uitkering bij het bereiken van een bepaalde leeftijd door de verzekerde wordt berekend overeenkomstig de artikelen 6 tot en met 9. Het tweede lid is niet van toepassing.
4. Indien een verzekering betaling van alle overeengekomen premies als voorwaarde bevat voor het als gevolg van een rendementsgarantie bereiken van het in die verzekering opgenomen verzekerde bedrag, is die voorwaarde niet van toepassing op de vermeerdering, bedoeld in artikel 6, vierde lid.
2. De wederpartij heeft slechts een vordering tot teruggave van het deel van de door de wederpartij betaalde premies of koopsom dat betrekking heeft op het nog niet verstreken deel van de looptijd van de polis op het in onderdeel b bedoelde tijdstip indien:
a. het een verzekering betreft waarbij een verzekeraar zich uitsluitend heeft verbonden tot het verrichten van een uitkering wanneer een onzeker voorval zich voor een bepaald tijdstip voordoet:
b. de curator met toepassing van artikel 213kaa van de Faillissementswet de overeenkomst na drie maanden heeft beëindigd; en
c. het voorval zich niet heeft voorgedaan voorafgaand aan het tijdstip met ingang waarvan de verzekering is beëindigd.
3. De hoogte van een vordering uit hoofde van een verzekering waarbij de verzekeraar zich heeft verbonden tot het verrichten van een uitkering bij het bereiken van een bepaalde leeftijd door de verzekerde wordt berekend overeenkomstig de artikelen 6 tot en met 9. Het tweede lid is niet van toepassing.
4. Indien een verzekering betaling van alle overeengekomen premies als voorwaarde bevat voor het als gevolg van een rendementsgarantie bereiken van het in die verzekering opgenomen verzekerde bedrag, is die voorwaarde niet van toepassing op de vermeerdering, bedoeld in artikel 6, vierde lid.