BWBR0042123
Geldig vanaf 2019-04-19
Artikel 10
Regeling werkwijze en bevoegdheden Inspectie Veiligheid Defensie
1. Bij de uitoefening van de taken van de inspectie kan de Inspecteur-Generaal vorderen dat overige medewerkers van het Ministerie van Defensie tijdelijk aan een onderzoeksteam van de inspectie worden toegevoegd.
2. Tevens kan de Inspecteur-Generaal andere inspectiediensten binnen het Rijk verzoeken om medewerking en personele ondersteuning. De Inspecteur-Generaal behoudt in die gevallen de leiding van het onderzoek.
3. In gevallen waarin de Onderzoeksraad voor Veiligheid een onderzoek instelt naar een voorval als bedoeld in artikel 2, onder b, doet de Inspecteur-Generaal, indien hij onderzoek instelt naar dit zelfde voorval, voorafgaand aan zijn onderzoek hiervan mededeling aan de voorzitter van de onderzoeksraad.
4. In geval van een onderzoek naar een voorval waarbij tevens sprake is van betrokkenheid van materieel, personeel of voorzieningen van één of meer andere staten, aangesloten bij de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie, stelt de inspectie vertegenwoordigers van die staat of staten in de gelegenheid aan het onderzoek deel te nemen.
2. Tevens kan de Inspecteur-Generaal andere inspectiediensten binnen het Rijk verzoeken om medewerking en personele ondersteuning. De Inspecteur-Generaal behoudt in die gevallen de leiding van het onderzoek.
3. In gevallen waarin de Onderzoeksraad voor Veiligheid een onderzoek instelt naar een voorval als bedoeld in artikel 2, onder b, doet de Inspecteur-Generaal, indien hij onderzoek instelt naar dit zelfde voorval, voorafgaand aan zijn onderzoek hiervan mededeling aan de voorzitter van de onderzoeksraad.
4. In geval van een onderzoek naar een voorval waarbij tevens sprake is van betrokkenheid van materieel, personeel of voorzieningen van één of meer andere staten, aangesloten bij de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie, stelt de inspectie vertegenwoordigers van die staat of staten in de gelegenheid aan het onderzoek deel te nemen.