BWBR0042029
Geldig vanaf 2019-03-22
Artikel 3
Ondermandaatbesluit directoraat-generaal Luchtvaart en Maritieme Zaken
Voor de volgende aan de directeur-generaal Luchtvaart en Maritieme Zaken verleende bevoegdheden, bedoeld in artikel 21, eerste lid, van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Waterstaat, wordt ondermandaat verleend aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat:
a. het in behandeling nemen van en beslissen op verzoeken om schadevergoeding die verband houden met de luchthavens Eelde, Eindhoven, Lelystad, Maastricht, Rotterdam en Schiphol en het bij die luchthavens behorende luchtverkeer;
b. het uitvoeren van de Regeling geluidwerende voorzieningen 1997 met betrekking tot de luchthavens Eelde, Lelystad, Maastricht, Rotterdam en Schiphol;
c. het in behandeling nemen van en beslissen op verzoeken om schadevergoeding die met de uitvoering van de in onderdeel b genoemde regeling samenhangen;
d. het uitvoeren van de Regeling uitkeringen beperkingengebied Schiphol;
e. de bevoegdheden betreffende de ambtelijke ondersteuning en financiering als bedoeld in de artikelen 21 en 22 van de gemeenschappelijke regeling Schadeschap Luchthaven Schiphol; en
f. het beslissen op bezwaarschriften tegen besluiten als bedoeld in de onderdelen a tot en met e, voor zover het besluit waartegen het bezwaar zich richt niet door hem in mandaat is genomen, en het voeren van procedures bij de rechter over die besluiten.
a. het in behandeling nemen van en beslissen op verzoeken om schadevergoeding die verband houden met de luchthavens Eelde, Eindhoven, Lelystad, Maastricht, Rotterdam en Schiphol en het bij die luchthavens behorende luchtverkeer;
b. het uitvoeren van de Regeling geluidwerende voorzieningen 1997 met betrekking tot de luchthavens Eelde, Lelystad, Maastricht, Rotterdam en Schiphol;
c. het in behandeling nemen van en beslissen op verzoeken om schadevergoeding die met de uitvoering van de in onderdeel b genoemde regeling samenhangen;
d. het uitvoeren van de Regeling uitkeringen beperkingengebied Schiphol;
e. de bevoegdheden betreffende de ambtelijke ondersteuning en financiering als bedoeld in de artikelen 21 en 22 van de gemeenschappelijke regeling Schadeschap Luchthaven Schiphol; en
f. het beslissen op bezwaarschriften tegen besluiten als bedoeld in de onderdelen a tot en met e, voor zover het besluit waartegen het bezwaar zich richt niet door hem in mandaat is genomen, en het voeren van procedures bij de rechter over die besluiten.