BWBR0041885
Geldig vanaf 2003-03-13
Artikel 3
Regeling tegemoetkoming kosten rechtskundige hulp (RTKR)
1. Deze regeling is van toepassing op gevallen waarin in de uitoefening van zijn ambt, functie of werkzaamheden, een werknemer handelingen heeft verricht of nagelaten, of overheidsgezag heeft uitgeoefend of heeft nagelaten overheidsgezag uit te oefenen, waardoor:
a. een derde schade heeft geleden en deze derde het Ministerie van Defensie of de betrokken werknemer als exponent van het Ministerie van Defensie naar burgerlijk recht aansprakelijk heeft gesteld voor de geleden schade,
b. het Ministerie van Defensie dan wel een van zijn dienstonderdelen, of de betrokken werknemer als exponent van het Ministerie van Defensie in strafrechtelijke zin als verdachte zijn aangemerkt,
c. de werknemer zich dient te verantwoorden voor een medisch tuchtcollege of voor de Ongevallenraad Defensie.
2. Deze regeling is tevens van toepassing op gevallen waarin
a) een werknemer, in de uitoefening van zijn ambt, functie of werkzaamheden, door handelingen van een derde schade heeft geleden en de werknemer deze derde aansprakelijk heeft gesteld naar burgerlijk recht.
b) een werknemer als gevolg van handelen of nalaten van een derde om het leven is gekomen en de nabestaanden van de werknemer deze derde aansprakelijk stellen naar burgerlijk recht.
c) een werknemer kosten moet maken voor vertaling van juridische teksten in procedures waarin deze regeling voorziet.
3. Deze regeling is niet van toepassing op procedures in het kader van de Wet militair tuchtrecht, procedures betreffende een geschil tussen de werknemer en Defensie, of procedures over schadevergoeding tussen de werknemer en de Staat der Nederlanden.
4. Deze regeling is niet van toepassing op procedures indien deze zijn ingeleid doordat door Defensie aangifte is gedaan van een strafbaar feit.
5. Deze regeling is met uitzondering van artikel 425en artikel 429, 1° van het Wetboek van Strafrechtniet van toepassing op procedures inzake overtredingen als bedoeld in Boek 3 van het Wetboek van Strafrecht.
a. een derde schade heeft geleden en deze derde het Ministerie van Defensie of de betrokken werknemer als exponent van het Ministerie van Defensie naar burgerlijk recht aansprakelijk heeft gesteld voor de geleden schade,
b. het Ministerie van Defensie dan wel een van zijn dienstonderdelen, of de betrokken werknemer als exponent van het Ministerie van Defensie in strafrechtelijke zin als verdachte zijn aangemerkt,
c. de werknemer zich dient te verantwoorden voor een medisch tuchtcollege of voor de Ongevallenraad Defensie.
2. Deze regeling is tevens van toepassing op gevallen waarin
a) een werknemer, in de uitoefening van zijn ambt, functie of werkzaamheden, door handelingen van een derde schade heeft geleden en de werknemer deze derde aansprakelijk heeft gesteld naar burgerlijk recht.
b) een werknemer als gevolg van handelen of nalaten van een derde om het leven is gekomen en de nabestaanden van de werknemer deze derde aansprakelijk stellen naar burgerlijk recht.
c) een werknemer kosten moet maken voor vertaling van juridische teksten in procedures waarin deze regeling voorziet.
3. Deze regeling is niet van toepassing op procedures in het kader van de Wet militair tuchtrecht, procedures betreffende een geschil tussen de werknemer en Defensie, of procedures over schadevergoeding tussen de werknemer en de Staat der Nederlanden.
4. Deze regeling is niet van toepassing op procedures indien deze zijn ingeleid doordat door Defensie aangifte is gedaan van een strafbaar feit.
5. Deze regeling is met uitzondering van artikel 425en artikel 429, 1° van het Wetboek van Strafrechtniet van toepassing op procedures inzake overtredingen als bedoeld in Boek 3 van het Wetboek van Strafrecht.