BWBR0041596
Geldig vanaf 2021-12-07
Artikel 2
Beleidsregel pilot pro/vbo
1. De minister wijst op aanvraag ten hoogste dertig combinaties van pro- en vbo-scholen aan voor schooljaar 2019–2020, die mogen deelnemen aan de pilot. Elke combinatie bestaat uit een pro-school en een school voor vbo, die gezamenlijk een aanvraag hebben ingediend.
2. Een combinatie van een pro-school en een vbo-school die voor schooljaar 2019–2020 is aangewezen om deel te nemen aan de pilot, mag voor schooljaar 2020–2021 opnieuw een aanvraag indienen om te starten met een tweede gemengde onderbouwklas in het pro en vbo.
3. Het doel van deze beleidsregel is om een pilot in te richten, op basis waarvan de aangewezen combinaties, in afwijking van de artikelen 2.8, 2.29, 2.21en 2.38, zevende en achtste lid, van de wet, een gemengde onderbouwklas in het pro en vbo kunnen aanbieden, waarin een combinatie van pro en vbo wordt aangeboden. De pilot beoogt scholen meer ruimte te geven om maatwerk te leveren voor leerlingen, van wie bij aanvang van hun eerste leerjaar in het voortgezet onderwijs niet meteen duidelijk is of zij beter tot hun recht komen in het pro dan wel in het vbo.
2. Een combinatie van een pro-school en een vbo-school die voor schooljaar 2019–2020 is aangewezen om deel te nemen aan de pilot, mag voor schooljaar 2020–2021 opnieuw een aanvraag indienen om te starten met een tweede gemengde onderbouwklas in het pro en vbo.
3. Het doel van deze beleidsregel is om een pilot in te richten, op basis waarvan de aangewezen combinaties, in afwijking van de artikelen 2.8, 2.29, 2.21en 2.38, zevende en achtste lid, van de wet, een gemengde onderbouwklas in het pro en vbo kunnen aanbieden, waarin een combinatie van pro en vbo wordt aangeboden. De pilot beoogt scholen meer ruimte te geven om maatwerk te leveren voor leerlingen, van wie bij aanvang van hun eerste leerjaar in het voortgezet onderwijs niet meteen duidelijk is of zij beter tot hun recht komen in het pro dan wel in het vbo.