BWBR0041085
Geldig vanaf 2018-07-01
Artikel 10
Subsidieregeling restauratie rijksmonumenten 2018
1. Indien de subsidie € 125.000 of meer bedraagt, legt de subsidieontvanger rekening en verantwoording af aan de hand van een prestatieverklaring en een financieel verslag. Artikel 4:76 van de Algemene wet bestuursrechtis van overeenkomstige toepassing.
2. De Minister kan een model vaststellen voor de prestatieverklaring en voor het financieel verslag.
3. Voor zover uit de prestatieverklaring volgt dat niet alle activiteiten waarvoor subsidie is verleend zijn uitgevoerd of de subsidieontvanger zich niet aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen heeft gehouden, bevat de prestatieverklaring de redenen hiervoor.
4. Onverminderd het bepaalde in het eerste tot en met derde lid, toont de subsidieontvanger op verzoek van de Minister aan dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen. Bij het besluit tot subsidieverlening wordt aangegeven op welke wijze dit wordt aangetoond.
5. Indien de subsidie € 300.000 of meer bedraagt, doet de subsidieontvanger het financieel verslag vergezeld gaan van een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.
6. In de verklaring, bedoeld in het vijfde lid, verklaart de accountant dat de bedragen in het financieel verslag juist zijn en doet hij tevens een uitspraak over de naleving door de subsidieontvanger van de in het accountantsprotocol genoemde voorschriften.
7. De subsidieontvanger bedingt bij de accountant dat deze zijn onderzoek inricht volgens een door de Minister vast te stellen accountantsprotocol.
8. De Minister kan de subsidieontvanger verplichten de desbetreffende originele rekeningen en betalingsbewijzen te overleggen.
2. De Minister kan een model vaststellen voor de prestatieverklaring en voor het financieel verslag.
3. Voor zover uit de prestatieverklaring volgt dat niet alle activiteiten waarvoor subsidie is verleend zijn uitgevoerd of de subsidieontvanger zich niet aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen heeft gehouden, bevat de prestatieverklaring de redenen hiervoor.
4. Onverminderd het bepaalde in het eerste tot en met derde lid, toont de subsidieontvanger op verzoek van de Minister aan dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen. Bij het besluit tot subsidieverlening wordt aangegeven op welke wijze dit wordt aangetoond.
5. Indien de subsidie € 300.000 of meer bedraagt, doet de subsidieontvanger het financieel verslag vergezeld gaan van een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.
6. In de verklaring, bedoeld in het vijfde lid, verklaart de accountant dat de bedragen in het financieel verslag juist zijn en doet hij tevens een uitspraak over de naleving door de subsidieontvanger van de in het accountantsprotocol genoemde voorschriften.
7. De subsidieontvanger bedingt bij de accountant dat deze zijn onderzoek inricht volgens een door de Minister vast te stellen accountantsprotocol.
8. De Minister kan de subsidieontvanger verplichten de desbetreffende originele rekeningen en betalingsbewijzen te overleggen.