BWBR0040475
Geldig vanaf 2023-05-23
Artikel 4
Besluit taak RVB 2017
1. Het Rijksvastgoedbedrijf is belast met het materieelbeheer van:
a. de onroerende zaken die het met het oog op uitvoering van de taken, bedoeld in de artikelen 2 en 7, aanhoudt en in gebruik heeft gegeven;
b. de onroerende zaken die het overeenkomstig artikel 3 tot gebruik ter beschikking heeft gesteld;
c. Park Sorghvliet in Den Haag;
d. het Staatsdomein bij het Loo;
e. de agrarische Domeingronden;
f. verbeurd verklaarde onroerende zaken en onroerende zaken die in gevolge een transactie met het Openbaar Ministerie eigendom van de Staat zijn geworden, en
g. de overtollig gestelde onroerende zaken bij het Rijk,
voor zover deze taak niet bij of krachtens wet of in een proces-verbaal aan een van de andere ministers is op- of overgedragen.
2. De taak bedoeld in het eerste lid omvat mede het onderhoud, vernieuwen en aanvullen van de aan de Staat toebehorende roerende zaken die behoren tot de vaste inrichting van de paleizen, genoemd in artikel 4, eerste lid, van de Wet financieel statuut van het Koninklijk Huis.
a. de onroerende zaken die het met het oog op uitvoering van de taken, bedoeld in de artikelen 2 en 7, aanhoudt en in gebruik heeft gegeven;
b. de onroerende zaken die het overeenkomstig artikel 3 tot gebruik ter beschikking heeft gesteld;
c. Park Sorghvliet in Den Haag;
d. het Staatsdomein bij het Loo;
e. de agrarische Domeingronden;
f. verbeurd verklaarde onroerende zaken en onroerende zaken die in gevolge een transactie met het Openbaar Ministerie eigendom van de Staat zijn geworden, en
g. de overtollig gestelde onroerende zaken bij het Rijk,
voor zover deze taak niet bij of krachtens wet of in een proces-verbaal aan een van de andere ministers is op- of overgedragen.
2. De taak bedoeld in het eerste lid omvat mede het onderhoud, vernieuwen en aanvullen van de aan de Staat toebehorende roerende zaken die behoren tot de vaste inrichting van de paleizen, genoemd in artikel 4, eerste lid, van de Wet financieel statuut van het Koninklijk Huis.