BWBR0040318
Geldig vanaf 2017-09-01
Artikel 5
Onderlinge regeling vergelijking DNA-profielen tussen Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten
1. De landen staan borg voor de juistheid en actualiteit van de DNA-profielen.
2. Indien DNA-profielen onjuist zijn, worden ze gecorrigeerd of vernietigd.
3. Als het bevragende land, ambtshalve of op basis van een mededeling van de betrokkene, vaststelt of vermoedt dat het positieve resultaat van de onderlinge vergelijking van DNA-profielen gebaseerd is op een DNA-profiel dat onjuist is of vernietigd had dienen te worden, deelt dat land dit onverwijld aan het verstrekkende land mee.
4. Een DNA-profiel waarvan de betrokkene de juistheid aanvecht en waarvan de juistheid of onjuistheid op dat moment niet kan worden vastgesteld, wordt met inachtneming van het nationale recht van het land dat verantwoordelijk is voor de verwerking van die DNA-profielen, zolang de procedure loopt waarin de betrokkene de juistheid van een DNA-profiel aanvecht en de bevoegde rechterlijke autoriteit of de voor de gegevensbescherming bevoegde onafhankelijke instantie geen beslissing in dat kader heeft genomen, van onderlinge vergelijking uitgesloten. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing indien de onderlinge vergelijking al tot een positief resultaat heeft geleid.
2. Indien DNA-profielen onjuist zijn, worden ze gecorrigeerd of vernietigd.
3. Als het bevragende land, ambtshalve of op basis van een mededeling van de betrokkene, vaststelt of vermoedt dat het positieve resultaat van de onderlinge vergelijking van DNA-profielen gebaseerd is op een DNA-profiel dat onjuist is of vernietigd had dienen te worden, deelt dat land dit onverwijld aan het verstrekkende land mee.
4. Een DNA-profiel waarvan de betrokkene de juistheid aanvecht en waarvan de juistheid of onjuistheid op dat moment niet kan worden vastgesteld, wordt met inachtneming van het nationale recht van het land dat verantwoordelijk is voor de verwerking van die DNA-profielen, zolang de procedure loopt waarin de betrokkene de juistheid van een DNA-profiel aanvecht en de bevoegde rechterlijke autoriteit of de voor de gegevensbescherming bevoegde onafhankelijke instantie geen beslissing in dat kader heeft genomen, van onderlinge vergelijking uitgesloten. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing indien de onderlinge vergelijking al tot een positief resultaat heeft geleid.