BWBR0039805
Geldig vanaf 2017-07-20
Artikel 2
Regeling vertrouwenspersonen integriteit en ongewenste omgangsvormen en Klachtencommissie ongewenste omgangsvormen SZW
1. De medewerker die een schending van de integriteit of een misstand vermoedt kan zich wenden tot een vertrouwenspersoon.
2. De medewerker die is geconfronteerd met ongewenste omgangsvormen kan zich wenden tot een vertrouwenspersoon of tot de commissie, in het laatste geval binnen een jaar nadat de gebeurtenis heeft plaatsgevonden.
3. Een klacht bij de commissie wordt gericht aan de Klachtencommissie ongewenste omgangsvormen SZW, EC O&P, Postbus 20011, 2500 EA Den Haag.
4. Betrokkene kan zich eveneens tot een vertrouwenspersoon wenden.
2. De medewerker die is geconfronteerd met ongewenste omgangsvormen kan zich wenden tot een vertrouwenspersoon of tot de commissie, in het laatste geval binnen een jaar nadat de gebeurtenis heeft plaatsgevonden.
3. Een klacht bij de commissie wordt gericht aan de Klachtencommissie ongewenste omgangsvormen SZW, EC O&P, Postbus 20011, 2500 EA Den Haag.
4. Betrokkene kan zich eveneens tot een vertrouwenspersoon wenden.