BWBR0039607
Geldig vanaf 2017-06-03
Artikel 3
Subsidieregeling Internationalisering po en vo
1. De minister kan aan het bevoegd gezag van een instelling subsidie verstrekken ten behoeve van de introductie of verdere ontwikkeling van internationalisering in het schoolbeleid.
2. De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, hebben betrekking op:
a. Invoering of verdere ontwikkeling van vvto, tto, Elos, International Primary Curriculum of soortgelijk internationaliserend onderwijsconcept in het schoolbeleid.
b. Mobiliteit 1. leerlingenmobiliteit: samenwerking of uitwisseling van leerlingen met een buitenlandse partnerinstelling;
2. lerarenmobiliteit: nascholing in het buitenland van leraren, schoolleiders en lerarenopleiders;
3. studentenstages: onderwijskundige stages met een onderzoekscomponent in het buitenland van studenten, niet zijnde extranei, die een lerarenopleiding volgen aan een instelling voor hoger onderwijs.
1. leerlingenmobiliteit: samenwerking of uitwisseling van leerlingen met een buitenlandse partnerinstelling;
2. lerarenmobiliteit: nascholing in het buitenland van leraren, schoolleiders en lerarenopleiders;
3. studentenstages: onderwijskundige stages met een onderzoekscomponent in het buitenland van studenten, niet zijnde extranei, die een lerarenopleiding volgen aan een instelling voor hoger onderwijs.
2. De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, hebben betrekking op:
a. Invoering of verdere ontwikkeling van vvto, tto, Elos, International Primary Curriculum of soortgelijk internationaliserend onderwijsconcept in het schoolbeleid.
b. Mobiliteit 1. leerlingenmobiliteit: samenwerking of uitwisseling van leerlingen met een buitenlandse partnerinstelling;
2. lerarenmobiliteit: nascholing in het buitenland van leraren, schoolleiders en lerarenopleiders;
3. studentenstages: onderwijskundige stages met een onderzoekscomponent in het buitenland van studenten, niet zijnde extranei, die een lerarenopleiding volgen aan een instelling voor hoger onderwijs.
1. leerlingenmobiliteit: samenwerking of uitwisseling van leerlingen met een buitenlandse partnerinstelling;
2. lerarenmobiliteit: nascholing in het buitenland van leraren, schoolleiders en lerarenopleiders;
3. studentenstages: onderwijskundige stages met een onderzoekscomponent in het buitenland van studenten, niet zijnde extranei, die een lerarenopleiding volgen aan een instelling voor hoger onderwijs.