BWBR0039267
Geldig vanaf 2017-03-03
Artikel 2
Mandaatverlening (plaatsvervangend) directeur Stichting Waarborgfonds Zorgsector
1. Aan de directeur en bij ontstentenis of belet van de directeur voor de duur van die ontstentenis of dat belet aan de plaatsvervangend directeur, wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend om namens de minister respectievelijk de Staat der Nederlanden de taken en bevoegdheden voortvloeiend uit besluiten en overeenkomsten met betrekking tot de verleende garanties uit te oefenen en de minister respectievelijk de Staat der Nederlanden ter zake daarvan te vertegenwoordigen en daartoe alle werkzaamheden te verrichten die samenhangen met het voorgaande of daartoe bevorderlijk kunnen zijn, alles in de ruimste zin van het woord.
2. Tot de taken en bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid, behoren in ieder geval de taken en bevoegdheden, bedoeld in de bij dit besluit behorende bijlage.
2. Tot de taken en bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid, behoren in ieder geval de taken en bevoegdheden, bedoeld in de bij dit besluit behorende bijlage.