BWBR0039027
Geldig vanaf 01-01-2017
Artikel 3
Regeling vaststelling tijdelijke subsidieregeling journalistieke innovatie 2017
1. Voor subsidieverstrekking op grond van deze regeling is in totaal € 800.000 beschikbaar.
2. Binnen het in het eerste lid genoemde bedrag zijn voor de subsidieverstrekkingen, bedoeld in artikel 2, de volgende bedragen beschikbaar:
a. € 550.000 voor de eerste subsidieverstrekking;
b. € 100.000 voor de tweede subsidieverstrekking;
c. € 150.000 voor de derde subsidieverstrekking.
3. Als na subsidieverstrekking het voor de desbetreffende subsidieverstrekking beschikbare bedrag niet geheel is gebruikt, kan het resterende deel gebruikt worden voor één van de andere subsidieverstrekkingen. Als na de subsidieverstrekkingen op grond van deze regeling het beschikbare bedrag, bedoeld in het eerste lid, niet geheel is gebruikt, kan het resterende deel gereserveerd worden ter besteding aan de doelen van het Stimuleringsfonds.
4. Per subsidieaanvraag kan subsidie in de vorm van een uitkering worden verstrekt voor ten hoogste een bedrag van:
a. € 35.000 bij de eerste subsidieverstrekking;
b. € 10.000 bij de tweede subsidieverstrekking;
c. € 35.000 bij de derde subsidieverstrekking.
5. In afwijking van het vierde lid kan subsidie voor een hoger bedrag worden verstrekt als de activiteiten naar het oordeel van het Stimuleringsfonds van uitzonderlijk belang zijn voor innovatie in de gehele persbedrijfstak.
2. Binnen het in het eerste lid genoemde bedrag zijn voor de subsidieverstrekkingen, bedoeld in artikel 2, de volgende bedragen beschikbaar:
a. € 550.000 voor de eerste subsidieverstrekking;
b. € 100.000 voor de tweede subsidieverstrekking;
c. € 150.000 voor de derde subsidieverstrekking.
3. Als na subsidieverstrekking het voor de desbetreffende subsidieverstrekking beschikbare bedrag niet geheel is gebruikt, kan het resterende deel gebruikt worden voor één van de andere subsidieverstrekkingen. Als na de subsidieverstrekkingen op grond van deze regeling het beschikbare bedrag, bedoeld in het eerste lid, niet geheel is gebruikt, kan het resterende deel gereserveerd worden ter besteding aan de doelen van het Stimuleringsfonds.
4. Per subsidieaanvraag kan subsidie in de vorm van een uitkering worden verstrekt voor ten hoogste een bedrag van:
a. € 35.000 bij de eerste subsidieverstrekking;
b. € 10.000 bij de tweede subsidieverstrekking;
c. € 35.000 bij de derde subsidieverstrekking.
5. In afwijking van het vierde lid kan subsidie voor een hoger bedrag worden verstrekt als de activiteiten naar het oordeel van het Stimuleringsfonds van uitzonderlijk belang zijn voor innovatie in de gehele persbedrijfstak.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0039027
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl