BWBR0038853
Geldig vanaf 2017-01-01
Artikel VI
Wijzigingsbesluit Besluit bezoldiging politie en enkele andere rechtspositionele besluiten (formalisering en uitvoering Arbeidsvoorwaardenovereenkomst sector Politie 2015–2017 inzake beroepsincidentenregeling, maximum aantal overuren, vertrekstimuleringspremie en buitengewoon verlof, tijdelijke inzetwijziging, bovenwettelijke werkloosheidsuitkering)
1. In 2016 wordt aan de ambtenaren, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, c, d en e, van het Besluit algemene rechtspositie politie, die zowel op 1 januari 2013 als op 1 december 2015 een aanstelling als zodanig hadden, een eenmalige loopbaanimpulsbijdrage toegekend, die naar de individuele keuze van de ambtenaar kan worden ingezet voor in elk geval opleiding, sport of uitbetaling.
2. De bijdrage, bedoeld in het eerste lid, is niet pensioengevend en bedraagt € 500 voor de ambtenaar met een aanstelling van 36 uur of meer per week en bedraagt een evenredig deel daarvan ingeval van een aanstelling van minder dan 36 uur per week.
3. Indien slechts een gedeelte van de bezoldiging wordt genoten heeft dit geen invloed op de hoogte van de eenmalige bijdrage.
4. Geen bijdrage ontvangen de ambtenaren die op 1 januari 2013 of 1 december 2015:
a. geen bezoldiging ontvingen in verband met buitengewoon verlof, of
b. op hun verzoek van hun werkzaamheden waren ontheven met behoud van aanspraken tot het einde van hun loopbaan als bedoeld in artikel 55aa van het Besluit algemene rechtspositie politie.
5. De ambtenaar kan op eigen verzoek afzien van de bijdrage.
2. De bijdrage, bedoeld in het eerste lid, is niet pensioengevend en bedraagt € 500 voor de ambtenaar met een aanstelling van 36 uur of meer per week en bedraagt een evenredig deel daarvan ingeval van een aanstelling van minder dan 36 uur per week.
3. Indien slechts een gedeelte van de bezoldiging wordt genoten heeft dit geen invloed op de hoogte van de eenmalige bijdrage.
4. Geen bijdrage ontvangen de ambtenaren die op 1 januari 2013 of 1 december 2015:
a. geen bezoldiging ontvingen in verband met buitengewoon verlof, of
b. op hun verzoek van hun werkzaamheden waren ontheven met behoud van aanspraken tot het einde van hun loopbaan als bedoeld in artikel 55aa van het Besluit algemene rechtspositie politie.
5. De ambtenaar kan op eigen verzoek afzien van de bijdrage.