BWBR0038853
Geldig vanaf 2017-01-01
Artikel V
Wijzigingsbesluit Besluit bezoldiging politie en enkele andere rechtspositionele besluiten (formalisering en uitvoering Arbeidsvoorwaardenovereenkomst sector Politie 2015–2017 inzake beroepsincidentenregeling, maximum aantal overuren, vertrekstimuleringspremie en buitengewoon verlof, tijdelijke inzetwijziging, bovenwettelijke werkloosheidsuitkering)
1. In 2016 wordt een eenmalige uitkering uitbetaald aan de ambtenaren, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, c, d en e, van het Besluit algemene rechtspositie politiedie op 1 september 2015 als zodanig zijn aangesteld binnen de sector Politie.
2. De uitkering, bedoeld in het eerste lid, is pensioengevend en bedraagt € 500 voor de ambtenaar met een aanstelling van 36 uur of meer per week en bedraagt een evenredig deel daarvan ingeval van een aanstelling van minder dan 36 uur per week.
3. Indien de ambtenaar slechts een gedeelte van zijn bezoldiging geniet, heeft dit geen invloed op de hoogte van de eenmalige uitkering.
4. Geen eenmalige uitkering ontvangen de ambtenaren die op 1 september 2015:
a. geen bezoldiging ontvingen in verband met buitengewoon verlof, dan wel
b. op hun verzoek van hun werkzaamheden waren ontheven met behoud van aanspraken tot het einde van hun loopbaan als bedoeld in artikel 55aa van het Besluit algemene rechtspositie politie.
5. De ambtenaar kan op eigen verzoek afzien van de uitkering.
2. De uitkering, bedoeld in het eerste lid, is pensioengevend en bedraagt € 500 voor de ambtenaar met een aanstelling van 36 uur of meer per week en bedraagt een evenredig deel daarvan ingeval van een aanstelling van minder dan 36 uur per week.
3. Indien de ambtenaar slechts een gedeelte van zijn bezoldiging geniet, heeft dit geen invloed op de hoogte van de eenmalige uitkering.
4. Geen eenmalige uitkering ontvangen de ambtenaren die op 1 september 2015:
a. geen bezoldiging ontvingen in verband met buitengewoon verlof, dan wel
b. op hun verzoek van hun werkzaamheden waren ontheven met behoud van aanspraken tot het einde van hun loopbaan als bedoeld in artikel 55aa van het Besluit algemene rechtspositie politie.
5. De ambtenaar kan op eigen verzoek afzien van de uitkering.