BWBR0038841
Geldig vanaf 2017-09-01
Artikel 3
Regeling middelenonderzoek bij geweldplegers
1. Voor het verrichten van een nader ademonderzoek als bedoeld in artikel 11, eerste lid, van het Besluitworden de ademanalyseapparaten van het type Dräger Alcotest 9510 NL aangewezen die zijn voorzien van het goedkeuringsteken T7802.
2. Het alcoholgehalte wordt bepaald door toepassing van de volgende correctie op het rekenkundige gemiddelde van de twee meetresultaten, bedoeld in artikel 11, eerste lid, van het Besluit:
a. indien het rekenkundige gemiddelde (Y) van de twee meetresultaten kleiner is dan 500 microgram per liter, is het ademonderzoekresultaat gelijk aan (0,9Y-30) microgram per liter;
b. indien het rekenkundige gemiddelde (Y) van de twee meetresultaten gelijk is aan, of groter is dan 500 microgram per liter, is het ademonderzoekresultaat gelijk aan (0,85Y-5) microgram per liter.
3. Het resultaat van een nader ademonderzoek mag niet worden aangewezen of afgedrukt indien het verschil tussen de beide meetresultaten groter is dan 10% van het kleinste meetresultaat.
2. Het alcoholgehalte wordt bepaald door toepassing van de volgende correctie op het rekenkundige gemiddelde van de twee meetresultaten, bedoeld in artikel 11, eerste lid, van het Besluit:
a. indien het rekenkundige gemiddelde (Y) van de twee meetresultaten kleiner is dan 500 microgram per liter, is het ademonderzoekresultaat gelijk aan (0,9Y-30) microgram per liter;
b. indien het rekenkundige gemiddelde (Y) van de twee meetresultaten gelijk is aan, of groter is dan 500 microgram per liter, is het ademonderzoekresultaat gelijk aan (0,85Y-5) microgram per liter.
3. Het resultaat van een nader ademonderzoek mag niet worden aangewezen of afgedrukt indien het verschil tussen de beide meetresultaten groter is dan 10% van het kleinste meetresultaat.