BWBR0038750
Geldig vanaf 2016-11-25
Artikel 4
Regeling vliegtoelage vliegers Landelijke eenheid
1. De aanvang in een categorie en overgang naar een hogere categorie vinden steeds plaats op de eerste dag van de maand na de maand waarin de vlieger voor het eerst de functie vlieger in de betreffende categorie is gaan uitoefenen.
2. Bij overgang van categorie I naar categorie II behoudt de vlieger zijn op dat moment geldende vermenigvuldigingsfactor, dan wel bij afwezigheid daarvan in categorie II de naast-hogere vermenigvuldigingsfactor.
3. Aanspraak op de vliegtoelage bestaat niet over de termijn gedurende welke de vlieger geen aanspraak heeft op de voor hem geldende bezoldiging. Over die termijn kan doortelling van de te verwerven vermenigvuldigingsfactor door het bevoegd gezag worden opgeschort.
2. Bij overgang van categorie I naar categorie II behoudt de vlieger zijn op dat moment geldende vermenigvuldigingsfactor, dan wel bij afwezigheid daarvan in categorie II de naast-hogere vermenigvuldigingsfactor.
3. Aanspraak op de vliegtoelage bestaat niet over de termijn gedurende welke de vlieger geen aanspraak heeft op de voor hem geldende bezoldiging. Over die termijn kan doortelling van de te verwerven vermenigvuldigingsfactor door het bevoegd gezag worden opgeschort.