1. Hij, die de bevoegdheid tot het uitoefenen van de functie vlieger tijdelijk dan wel blijvend verliest, waarbij dit verlies niet aan grove nalatigheid of opzet van hemzelf is te wijten, behoudt gedurende zijn aanstelling bij de politie aanspraak op de volgende toelage, tenzij een of meer van de gronden, genoemd in de
artikelen 83en
84 van het Besluit algemene rechtspositie politievan toepassing zijn:
a. 1. gedurende 36 maanden 100% van de vliegtoelage waarop aanspraak bestond in de maand waarin het verlies is ingegaan, nadat ten minste tien jaren zijn verstreken vanaf het moment dat betrokkene voor het eerst aangesteld is als vlieger, dan wel aangesteld bij de sector Rijk in een functie waarvan operationeel vliegen onderdeel uitmaakt;
2. gedurende 24 maanden 100% van de vliegtoelage waarop aanspraak bestond in de maand waarin het verlies is ingegaan, nadat vijf tot tien jaren zijn verstreken vanaf het moment dat betrokkene voor het eerst aangesteld is als vlieger, dan wel aangesteld bij de sector Rijk in een functie waarvan operationeel vliegen onderdeel uitmaakt;
3. gedurende 12 maanden 100% van de vliegtoelage waarop aanspraak bestond in de maand waarin het verlies is ingegaan, nadat één tot vijf jaren zijn verstreken vanaf het moment dat betrokkene voor het eerst aangesteld is als vlieger, dan wel aangesteld is bij de sector Rijk in een functie waarvan operationeel vliegen onderdeel uitmaakt;
1. gedurende 36 maanden 100% van de vliegtoelage waarop aanspraak bestond in de maand waarin het verlies is ingegaan, nadat ten minste tien jaren zijn verstreken vanaf het moment dat betrokkene voor het eerst aangesteld is als vlieger, dan wel aangesteld bij de sector Rijk in een functie waarvan operationeel vliegen onderdeel uitmaakt;
2. gedurende 24 maanden 100% van de vliegtoelage waarop aanspraak bestond in de maand waarin het verlies is ingegaan, nadat vijf tot tien jaren zijn verstreken vanaf het moment dat betrokkene voor het eerst aangesteld is als vlieger, dan wel aangesteld bij de sector Rijk in een functie waarvan operationeel vliegen onderdeel uitmaakt;
3. gedurende 12 maanden 100% van de vliegtoelage waarop aanspraak bestond in de maand waarin het verlies is ingegaan, nadat één tot vijf jaren zijn verstreken vanaf het moment dat betrokkene voor het eerst aangesteld is als vlieger, dan wel aangesteld is bij de sector Rijk in een functie waarvan operationeel vliegen onderdeel uitmaakt;
b. vervolgens gedurende het eerste, het tweede en het derde jaar nadat de periode genoemd onder a is beëindigd: een bedrag gelijk aan respectievelijk 75%, 50% en 25% van de verworven vliegtoelage.
2. In afwijking van het eerste lid behoudt de vlieger zijn vliegtoelage, indien:
a. hij op het moment van het verlies 50 jaar of ouder is en langer dan 10 jaar in het genot van de vliegtoelage is; of
b. hij op 1 januari 2007 reeds de functie van vlieger vervulde in dienst van de politie en op het moment van het verlies na 1 november 2008 langer dan 20 jaar in het genot van de vliegtoelage is.