BWBR0038418
Geldig vanaf 18-08-2016
Artikel 33
Bestuursreglement Autoriteit Persoonsgegevens
1. De directeur draagt zorg dat na afloop van elk jaar een financiële verantwoording wordt opgesteld over dat jaar.
2. In deze rapportage dient te zijn opgenomen:
a. een verklaring voor het verschil tussen de geraamde en werkelijke uitgaven en inkomsten;
b. een verantwoording van de geproduceerde resultaten;
c. een verantwoording over het formatiebeheer en het personeelsbeleid.
3. De verantwoordingsrapportage over het afgelopen jaar wordt door de Autoriteit Persoonsgegevens vastgesteld en jaarlijks vóór 15 februari aangeboden aan de minister.
4. De minister stelt de Autoriteit Persoonsgegevens binnen 30 dagen na ontvangst van de rapportage op de hoogte van diens reactie.
2. In deze rapportage dient te zijn opgenomen:
a. een verklaring voor het verschil tussen de geraamde en werkelijke uitgaven en inkomsten;
b. een verantwoording van de geproduceerde resultaten;
c. een verantwoording over het formatiebeheer en het personeelsbeleid.
3. De verantwoordingsrapportage over het afgelopen jaar wordt door de Autoriteit Persoonsgegevens vastgesteld en jaarlijks vóór 15 februari aangeboden aan de minister.
4. De minister stelt de Autoriteit Persoonsgegevens binnen 30 dagen na ontvangst van de rapportage op de hoogte van diens reactie.
- Citeren als
- Art. 33
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0038418
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl