BWBR0038418
Geldig vanaf 18-08-2016
Artikel 10
Bestuursreglement Autoriteit Persoonsgegevens
1. Ieder collegelid heeft één stem.
2. De Autoriteit Persoonsgegevens neemt besluiten bij meerderheid van stemmen.
3. Een besluit is in beginsel geldig indien ten minste twee leden aan de stemming hebben deelgenomen, tenzij de omstandigheden van het geval aanleiding geven aan één van de leden om niet deel te nemen aan de besluitvorming. Indien van dergelijke omstandigheden sprake is, wordt dit vermeld in het verslag.
4. Een collegelid stemt zonder last of ruggespraak.
5. Bij het staken van de stemmen wordt de besluitvorming aangehouden tot de volgende vergadering, tenzij de besluitvorming niet kan worden uitgesteld. De voorzitter heeft uiteindelijk een beslissende stem.
6. In spoedeisende gevallen dan wel in andere door de collegeleden bij eenstemmigheid te bepalen gevallen, kan de vergadering schriftelijk geschieden. De wijze van besluitvorming wordt alsdan met de genomen beslissing in het verslag vastgesteld.
2. De Autoriteit Persoonsgegevens neemt besluiten bij meerderheid van stemmen.
3. Een besluit is in beginsel geldig indien ten minste twee leden aan de stemming hebben deelgenomen, tenzij de omstandigheden van het geval aanleiding geven aan één van de leden om niet deel te nemen aan de besluitvorming. Indien van dergelijke omstandigheden sprake is, wordt dit vermeld in het verslag.
4. Een collegelid stemt zonder last of ruggespraak.
5. Bij het staken van de stemmen wordt de besluitvorming aangehouden tot de volgende vergadering, tenzij de besluitvorming niet kan worden uitgesteld. De voorzitter heeft uiteindelijk een beslissende stem.
6. In spoedeisende gevallen dan wel in andere door de collegeleden bij eenstemmigheid te bepalen gevallen, kan de vergadering schriftelijk geschieden. De wijze van besluitvorming wordt alsdan met de genomen beslissing in het verslag vastgesteld.
- Citeren als
- Art. 10
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0038418
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl