BWBR0038234
Geldig vanaf 13-07-2016
Artikel 9
Beleidsregels inning bestuursrechtelijke premie Zorgverzekeringswet 2016
1. In afwijking van het bepaalde in artikel 8, derde lid, kan het CJIB, namens het Zorginstituut, de verzekeringnemer een standaardbetaalvoorstel doen ter voldoening van het saldo van de eindafrekening.
2. Het standaardbetaalvoorstel is gebaseerd op onderstaande tabel en voorziet in gelijke maandelijkse termijnen:
[tabel]
3. Op verzoek van de verzekeringnemer kan het CJIB, namens het Zorginstituut, in afwijking van het in het vorige lid opgenomen standaardbetaalvoorstel, een individuele betalingsregeling treffen. Daarbij is het uitgangspunt een termijn van maximaal 60 maanden.
4. Op basis van door de verzekeringnemer te verstrekken financiële gegevens berekent het CJIB, namens het Zorginstituut, de aflossingscapaciteit voor de individuele betalingsregeling, bedoeld in het derde lid. Indien uit de berekening blijkt dat de aflossingscapaciteit meer bedraagt dan de in het standaardbetaalvoorstel opgenomen bedragen, past het CJIB, namens het Zorginstituut, het eerder vastgestelde bedrag van het standaardbetaalvoorstel, bedoeld in het tweede lid, toe.
5. Als de verzekeringnemer het standaard betaalvoorstel of de individuele betalingsregeling gedurende de looptijd niet nakomt, maant het CJIB, namens het Zorginstituut, de verzekeringnemer éénmalig aan voor het niet nagekomen termijnbedrag. Vindt geen nakoming plaats binnen twee weken na de aanmaning, dan vervalt het standaardbetaalvoorstel, dan wel trekt het Zorginstituut de individuele betalingsregeling in en wordt de invordering, overeenkomstig het bepaalde in artikel 8, vijfde en zesde lid, voor het gehele openstaande bedrag onverkort voortgezet.
6. Het CJIB treft geen betalingsregeling, namens het Zorginstituut, indien het saldo van de eindafrekening ter invordering aan de deurwaarder is overgedragen.
2. Het standaardbetaalvoorstel is gebaseerd op onderstaande tabel en voorziet in gelijke maandelijkse termijnen:
[tabel]
3. Op verzoek van de verzekeringnemer kan het CJIB, namens het Zorginstituut, in afwijking van het in het vorige lid opgenomen standaardbetaalvoorstel, een individuele betalingsregeling treffen. Daarbij is het uitgangspunt een termijn van maximaal 60 maanden.
4. Op basis van door de verzekeringnemer te verstrekken financiële gegevens berekent het CJIB, namens het Zorginstituut, de aflossingscapaciteit voor de individuele betalingsregeling, bedoeld in het derde lid. Indien uit de berekening blijkt dat de aflossingscapaciteit meer bedraagt dan de in het standaardbetaalvoorstel opgenomen bedragen, past het CJIB, namens het Zorginstituut, het eerder vastgestelde bedrag van het standaardbetaalvoorstel, bedoeld in het tweede lid, toe.
5. Als de verzekeringnemer het standaard betaalvoorstel of de individuele betalingsregeling gedurende de looptijd niet nakomt, maant het CJIB, namens het Zorginstituut, de verzekeringnemer éénmalig aan voor het niet nagekomen termijnbedrag. Vindt geen nakoming plaats binnen twee weken na de aanmaning, dan vervalt het standaardbetaalvoorstel, dan wel trekt het Zorginstituut de individuele betalingsregeling in en wordt de invordering, overeenkomstig het bepaalde in artikel 8, vijfde en zesde lid, voor het gehele openstaande bedrag onverkort voortgezet.
6. Het CJIB treft geen betalingsregeling, namens het Zorginstituut, indien het saldo van de eindafrekening ter invordering aan de deurwaarder is overgedragen.
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0038234
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl