BWBR0038077
Geldig vanaf 01-01-2016
Artikel 5
Regeling Zintuiglijk gehandicaptenzorg
5.1 Voor de prestaties vermeld onder artikel 4.1 tot en met 4.3 van deze regeling, geldt een declaratie eenheid van een uur. Een uur directe zorgverlening behelst: – de directe behandeltijd in uren tussen zorgverlener en patiënt(systeem) en;
– de tijd in uren ten behoeve van dossieronderzoek, overleg en opstellen van rapportages en plannen met het doel te komen tot een behandelplan.
– de directe behandeltijd in uren tussen zorgverlener en patiënt(systeem) en;
– de tijd in uren ten behoeve van dossieronderzoek, overleg en opstellen van rapportages en plannen met het doel te komen tot een behandelplan.
5.2 Indien sprake is van prestaties gedurende een deel van een uur wordt het in rekening te brengen tarief naar evenredigheid berekend. Indien er tussen zorgverzekeraar en zorgaanbieder geen schriftelijke overeenkomst bestaat over de te hanteren werkwijze bij het afronden van de tijd van de geleverde prestaties, wordt de tijd afgerond op het dichtstbijzijnde veelvoud van vijf minuten.
5.3 De declaratie van de prestaties vermeld onder artikel 4 van deze regeling vindt plaats op patiëntniveau. Dat houdt in dat de declaratie bestaat uit een overzicht van het per patiënt geleverde aantal geleverde eenheden, het daarbij gehanteerde tarief en het totaalbedrag per prestatie per declaratieperiode.
5.4 Wanneer de behandeling van meerdere patiënten tegelijkertijd plaatsvindt, wordt naar evenredigheid van de werkelijke behandeltijd per patiënt een prestatie in rekening gebracht.
5.5 De prestatie ‘uittoeslag zorgverlener’ kan uitsluitend gedeclareerd worden indien er voorafgaand aan de behandeling van de patiënt een reisbeweging heeft plaatsgevonden naar het adres van de patiënt waar de zorg geleverd wordt. Woon-werkverkeer is uitgesloten van de prestatie uittoeslag zorgverlener.
5.6 De zorgaanbieder is verantwoordelijk voor de juiste en volledige registratie van de geleverde prestaties en de eventuele bijbehorende uittoeslag.
5.7 De administratieve organisatie dient zodanig ingericht te zijn dat een audit-trail mogelijk is. De zorgautoriteit en de zorgverzekeraar moeten te allen tijde de mogelijkheid hebben om vastlegging van de uitgevoerde prestaties op juistheid te controleren.
5.8 Indien sprake is van onderlinge dienstverlening dient de uitvoerende zorgaanbieder, die de deelprestatie levert, deze uitsluitend in rekening te brengen aan de opdrachtgevende zorgaanbieder. De opdrachtgevende zorgaanbieder declareert de prestatie bij de zorgverzekeraar.
– de tijd in uren ten behoeve van dossieronderzoek, overleg en opstellen van rapportages en plannen met het doel te komen tot een behandelplan.
– de directe behandeltijd in uren tussen zorgverlener en patiënt(systeem) en;
– de tijd in uren ten behoeve van dossieronderzoek, overleg en opstellen van rapportages en plannen met het doel te komen tot een behandelplan.
5.2 Indien sprake is van prestaties gedurende een deel van een uur wordt het in rekening te brengen tarief naar evenredigheid berekend. Indien er tussen zorgverzekeraar en zorgaanbieder geen schriftelijke overeenkomst bestaat over de te hanteren werkwijze bij het afronden van de tijd van de geleverde prestaties, wordt de tijd afgerond op het dichtstbijzijnde veelvoud van vijf minuten.
5.3 De declaratie van de prestaties vermeld onder artikel 4 van deze regeling vindt plaats op patiëntniveau. Dat houdt in dat de declaratie bestaat uit een overzicht van het per patiënt geleverde aantal geleverde eenheden, het daarbij gehanteerde tarief en het totaalbedrag per prestatie per declaratieperiode.
5.4 Wanneer de behandeling van meerdere patiënten tegelijkertijd plaatsvindt, wordt naar evenredigheid van de werkelijke behandeltijd per patiënt een prestatie in rekening gebracht.
5.5 De prestatie ‘uittoeslag zorgverlener’ kan uitsluitend gedeclareerd worden indien er voorafgaand aan de behandeling van de patiënt een reisbeweging heeft plaatsgevonden naar het adres van de patiënt waar de zorg geleverd wordt. Woon-werkverkeer is uitgesloten van de prestatie uittoeslag zorgverlener.
5.6 De zorgaanbieder is verantwoordelijk voor de juiste en volledige registratie van de geleverde prestaties en de eventuele bijbehorende uittoeslag.
5.7 De administratieve organisatie dient zodanig ingericht te zijn dat een audit-trail mogelijk is. De zorgautoriteit en de zorgverzekeraar moeten te allen tijde de mogelijkheid hebben om vastlegging van de uitgevoerde prestaties op juistheid te controleren.
5.8 Indien sprake is van onderlinge dienstverlening dient de uitvoerende zorgaanbieder, die de deelprestatie levert, deze uitsluitend in rekening te brengen aan de opdrachtgevende zorgaanbieder. De opdrachtgevende zorgaanbieder declareert de prestatie bij de zorgverzekeraar.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0038077
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl