BWBR0038077
Geldig vanaf 01-01-2016
Artikel 4
Regeling Zintuiglijk gehandicaptenzorg
4.1 Zorg in verband met een visuele beperking De zorg aan visueel beperkten bestaat voor een groot deel uit kortdurende extramurale trajecten en is multidisciplinair van aard. Daarbij gaat het om diagnostisch onderzoek, interventies gericht op het psychisch leren omgaan met de handicap en interventies die de beperking opheffen of compenseren en daarmee de zelfredzaamheid vergroten. Diagnostisch onderzoek omvat het vaststellen van de (ernst van de) beperking en de zorgvragen die daaruit voortvloeien voor de patiënt. Op basis hiervan wordt een individueel behandelplan vastgesteld, waarvan mogelijke interventies worden besproken in een adviesgesprek met de patiënt en/of diens ouders/verzorgers of andere betrokkenen, waarna vervolgens de behandeling kan worden vastgesteld. Interventies zijn kortdurende behandelingen gericht op herstel en/of het aanleren van nieuwe vaardigheden of gedrag, als dit een programmatische aanpak vereist waarvoor specifieke deskundigheid nodig is. De nieuw aan te leren vaardigheden of het gedrag richten zich op het terugdringen van stoornissen en beperkingen. Onder deze interventies vallen ook systeemgerichte behandelingen. De behandeling kan één-op-één en in kleine groepen worden geboden. In het laatste wordt het aantal uren dat de hulpverlener werkzaam is geweest naar evenredigheid per patiënt berekend. Er moet een concreet en haalbaar behandeldoel zijn waardoor blijvende verbeteringen in het functioneren worden bereikt/verwacht en de te geven behandeling dient een door de beroepsgroep geaccepteerde methode te zijn. Bij deze prestatie behoren ook dossieronderzoek, overleg en opstellen van rapportages en plannen met het doel te komen tot een behandelplan. Deze regel geldt niet indien de prestatie wordt ingezet ter uitvoering van de opgestelde plannen.
4.2 Zorg in verband met een auditieve beperking Zorg in verband met een auditieve beperking is multidisciplinaire zorg die bestaat uit diagnostisch onderzoek, interventies die zich richten op het psychisch omgaan met de handicap en interventies die de beperking opheffen of compenseren en daarmee de zelfredzaamheid vergroten. Diagnostisch onderzoek omvat het vaststellen van de (ernst van de) beperking en de zorgvragen die daaruit voortvloeien voor de patiënt. Op basis hiervan wordt een individueel behandelplan vastgesteld, waarvan mogelijke interventies worden besproken in een adviesgesprek met de patiënt en/of diens ouders/verzorgers of andere betrokkenen, waarna vervolgens de behandeling kan worden vastgesteld. Interventies zijn kortdurende behandelingen gericht op herstel en/of het aanleren van nieuwe vaardigheden of gedrag, als dit een programmatische aanpak vereist waarvoor specifieke deskundigheid nodig is. De nieuw aan te leren vaardigheden of het gedrag richten zich op het terugdringen van stoornissen en beperkingen. Onder deze interventies vallen ook systeemgerichte behandelingen. Er moet een concreet en haalbaar behandeldoel zijn waardoor blijvende verbeteringen in het functioneren worden bereikt/verwacht en de te geven behandeling dient een door de beroepsgroep geaccepteerde methode te zijn. De behandeling kan één-op-één en in kleine groepen worden geboden. In het laatste wordt het aantal uren dat de hulpverlener werkzaam is geweest naar evenredigheid per patiënt berekend. Bij deze prestatie behoren ook dossieronderzoek, overleg en opstellen van rapportages en plannen met het doel te komen tot een behandelplan. Deze regel geldt niet indien de prestatie wordt ingezet ter uitvoering van de opgestelde plannen.
4.3 Zorg in verband met een communicatieve beperking als gevolg van een taalontwikkelingsstoornis (TOS) De zorg in verband met een communicatieve beperking als gevolg van een taalontwikkelingsstoornis wordt geleverd aan kinderen en jong volwassenen tot de leeftijd van drieëntwintig jaar Deze multidisciplinaire zorg bestaat uit diagnostisch onderzoek, interventies die zich richten op het psychisch omgaan met de handicap en interventies die de beperking opheffen of compenseren en daarmee de zelfredzaamheid vergroten. Diagnostisch onderzoek omvat het vaststellen van de (ernst van de) beperking en de zorgvragen die daaruit voortvloeien voor de patiënt. Op basis hiervan wordt een individueel behandelplan vastgesteld, waarvan mogelijke interventies worden besproken in een adviesgesprek met de patiënt en/of diens ouders/verzorgers of andere betrokkenen, waarna vervolgens de behandeling kan worden vastgesteld. Interventies zijn kortdurende behandelingen gericht op herstel en/of het aanleren van nieuwe vaardigheden of gedrag, als dit een programmatische aanpak vereist waarvoor specifieke deskundigheid nodig is. De nieuw aan te leren vaardigheden of het gedrag richten zich op het terugdringen van stoornissen en beperkingen. Onder deze interventies vallen ook systeemgerichte behandelingen. Er moet een concreet en haalbaar behandeldoel zijn waardoor blijvende verbeteringen in het functioneren worden bereikt/verwacht en de te geven behandeling dient een door de beroepsgroep geaccepteerde methode te zijn. De behandeling kan één-op-één en in kleine groepen worden geboden. In het laatste wordt het aantal uren dat de hulpverlener werkzaam is geweest naar evenredigheid per patiënt berekend. Bij deze prestatie behoren ook dossieronderzoek, overleg en opstellen van rapportages en plannen met het doel te komen tot een behandelplan. Deze regel geldt niet indien de prestatie wordt ingezet ter uitvoering van de opgestelde plannen. De doelgroep met ernstige spraak/taalmoeilijkheden en hun ouders wordt een behandeling aangeboden die de taalontwikkeling en sociaal-emotionele ontwikkeling stimuleert.
4.4 Uittoeslag zorgverlener Onder uittoeslag zorgverlener worden verstaan de vervoerskosten van een zorgverlener die behandeling levert aan een patiënt. De uittoeslag is vastgesteld op basis van een toeslag per patiëntcontact.
4.5 Verblijf De prestatie verblijf wordt per kalenderdag geregistreerd indien de patiënt ’s nachts in een instelling verblijft. Hierbij gaat het om verblijf dat geleverd wordt in combinatie met zintuiglijk gehandicaptenzorg. Voor de inhoudelijke invulling van het begrip verblijf wordt verwezen naar het indicatieprotocol van de sector.
4.2 Zorg in verband met een auditieve beperking Zorg in verband met een auditieve beperking is multidisciplinaire zorg die bestaat uit diagnostisch onderzoek, interventies die zich richten op het psychisch omgaan met de handicap en interventies die de beperking opheffen of compenseren en daarmee de zelfredzaamheid vergroten. Diagnostisch onderzoek omvat het vaststellen van de (ernst van de) beperking en de zorgvragen die daaruit voortvloeien voor de patiënt. Op basis hiervan wordt een individueel behandelplan vastgesteld, waarvan mogelijke interventies worden besproken in een adviesgesprek met de patiënt en/of diens ouders/verzorgers of andere betrokkenen, waarna vervolgens de behandeling kan worden vastgesteld. Interventies zijn kortdurende behandelingen gericht op herstel en/of het aanleren van nieuwe vaardigheden of gedrag, als dit een programmatische aanpak vereist waarvoor specifieke deskundigheid nodig is. De nieuw aan te leren vaardigheden of het gedrag richten zich op het terugdringen van stoornissen en beperkingen. Onder deze interventies vallen ook systeemgerichte behandelingen. Er moet een concreet en haalbaar behandeldoel zijn waardoor blijvende verbeteringen in het functioneren worden bereikt/verwacht en de te geven behandeling dient een door de beroepsgroep geaccepteerde methode te zijn. De behandeling kan één-op-één en in kleine groepen worden geboden. In het laatste wordt het aantal uren dat de hulpverlener werkzaam is geweest naar evenredigheid per patiënt berekend. Bij deze prestatie behoren ook dossieronderzoek, overleg en opstellen van rapportages en plannen met het doel te komen tot een behandelplan. Deze regel geldt niet indien de prestatie wordt ingezet ter uitvoering van de opgestelde plannen.
4.3 Zorg in verband met een communicatieve beperking als gevolg van een taalontwikkelingsstoornis (TOS) De zorg in verband met een communicatieve beperking als gevolg van een taalontwikkelingsstoornis wordt geleverd aan kinderen en jong volwassenen tot de leeftijd van drieëntwintig jaar Deze multidisciplinaire zorg bestaat uit diagnostisch onderzoek, interventies die zich richten op het psychisch omgaan met de handicap en interventies die de beperking opheffen of compenseren en daarmee de zelfredzaamheid vergroten. Diagnostisch onderzoek omvat het vaststellen van de (ernst van de) beperking en de zorgvragen die daaruit voortvloeien voor de patiënt. Op basis hiervan wordt een individueel behandelplan vastgesteld, waarvan mogelijke interventies worden besproken in een adviesgesprek met de patiënt en/of diens ouders/verzorgers of andere betrokkenen, waarna vervolgens de behandeling kan worden vastgesteld. Interventies zijn kortdurende behandelingen gericht op herstel en/of het aanleren van nieuwe vaardigheden of gedrag, als dit een programmatische aanpak vereist waarvoor specifieke deskundigheid nodig is. De nieuw aan te leren vaardigheden of het gedrag richten zich op het terugdringen van stoornissen en beperkingen. Onder deze interventies vallen ook systeemgerichte behandelingen. Er moet een concreet en haalbaar behandeldoel zijn waardoor blijvende verbeteringen in het functioneren worden bereikt/verwacht en de te geven behandeling dient een door de beroepsgroep geaccepteerde methode te zijn. De behandeling kan één-op-één en in kleine groepen worden geboden. In het laatste wordt het aantal uren dat de hulpverlener werkzaam is geweest naar evenredigheid per patiënt berekend. Bij deze prestatie behoren ook dossieronderzoek, overleg en opstellen van rapportages en plannen met het doel te komen tot een behandelplan. Deze regel geldt niet indien de prestatie wordt ingezet ter uitvoering van de opgestelde plannen. De doelgroep met ernstige spraak/taalmoeilijkheden en hun ouders wordt een behandeling aangeboden die de taalontwikkeling en sociaal-emotionele ontwikkeling stimuleert.
4.4 Uittoeslag zorgverlener Onder uittoeslag zorgverlener worden verstaan de vervoerskosten van een zorgverlener die behandeling levert aan een patiënt. De uittoeslag is vastgesteld op basis van een toeslag per patiëntcontact.
4.5 Verblijf De prestatie verblijf wordt per kalenderdag geregistreerd indien de patiënt ’s nachts in een instelling verblijft. Hierbij gaat het om verblijf dat geleverd wordt in combinatie met zintuiglijk gehandicaptenzorg. Voor de inhoudelijke invulling van het begrip verblijf wordt verwezen naar het indicatieprotocol van de sector.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0038077
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl