BWBR0038053
Geldig vanaf 2016-07-01
Artikel 12
Subsidieregeling waterveiligheid en waterzekerheid stedelijke delta's
1. De subsidieverdeling vindt plaats aan de hand van een separate rangschikking van de aanvragen voor haalbaarheidsprojecten en de aanvragen voor pilotprojecten die voor subsidieverstrekking in aanmerking komen, te beginnen met het hoogst gerangschikte project.
2. De Minister rangschikt de aanvragen voor haalbaarheidsprojecten die voor subsidieverstrekking in aanmerking komen op basis van de volgende rangschikkingscriteria:
a. de mate waarin de haalbaarheidsstudie past in een ketenbenadering en bijdraagt aan mogelijkheden tot opschaling van de onderzochte oplossing voor waterveiligheid of waterzekerheid;
b. de mate waarin het project duurzaamheidsaspecten waarborgt op institutioneel, technisch, milieutechnisch gebied en, indien van toepassing, op het gebied van krachtenbundeling van de deelnemers van het samenwerkingsverband;
c. de mate waarin het project vernieuwende en innovatieve Nederlandse kennis en kunde op het gebied van waterveiligheid en waterzekerheid in Nederland of ook in het buitenland gevestigde partijen ontsluit;
d. de kwaliteit van de aanvraag ten aanzien van het activiteitenplan inclusief begroting en de toelichting daarop.
3. De Minister rangschikt de aanvragen voor pilotprojecten die voor subsidieverstrekking in aanmerking komen op basis van de volgende rangschikkingscriteria:
a. de mate waarin gedemonstreerde technologie of methodologie in het project na opschaling de potentie heeft om een grote of grotere groep lokale begunstigden te bereiken;
b. de rangschikkingscriteria genoemd in het tweede lid, onderdeel b, c en d.
4. Aan de rangschikkingscriteria, genoemd in het tweede en derde lid, worden punten toegekend, waarop de wegingsfactoren worden toegepast als vermeld in de tabel opgenomen in bijlage 2bij deze regeling, wat leidt tot een totaal aantal punten van maximaal 100.
5. In aanvulling op het vierde lid worden aan aanvragen voor projecten die worden uitgevoerd in een land uit de categorie A, bedoeld in bijlage 1bij deze regeling, 4 extra punten toegekend, indien op basis van de beoordeling van de aanvraag minimaal 65% punten zijn toegekend.
6. Indien twee of meer aanvragen voor projecten op dezelfde plaats in de rangschikking terechtkomen en deze plaats samenvalt met het op grond van artikel 4, voor die projecten beschikbare deel van het subsidieplafond, wordt door middel van loting de definitieve plaats in de rangschikking bepaald.
2. De Minister rangschikt de aanvragen voor haalbaarheidsprojecten die voor subsidieverstrekking in aanmerking komen op basis van de volgende rangschikkingscriteria:
a. de mate waarin de haalbaarheidsstudie past in een ketenbenadering en bijdraagt aan mogelijkheden tot opschaling van de onderzochte oplossing voor waterveiligheid of waterzekerheid;
b. de mate waarin het project duurzaamheidsaspecten waarborgt op institutioneel, technisch, milieutechnisch gebied en, indien van toepassing, op het gebied van krachtenbundeling van de deelnemers van het samenwerkingsverband;
c. de mate waarin het project vernieuwende en innovatieve Nederlandse kennis en kunde op het gebied van waterveiligheid en waterzekerheid in Nederland of ook in het buitenland gevestigde partijen ontsluit;
d. de kwaliteit van de aanvraag ten aanzien van het activiteitenplan inclusief begroting en de toelichting daarop.
3. De Minister rangschikt de aanvragen voor pilotprojecten die voor subsidieverstrekking in aanmerking komen op basis van de volgende rangschikkingscriteria:
a. de mate waarin gedemonstreerde technologie of methodologie in het project na opschaling de potentie heeft om een grote of grotere groep lokale begunstigden te bereiken;
b. de rangschikkingscriteria genoemd in het tweede lid, onderdeel b, c en d.
4. Aan de rangschikkingscriteria, genoemd in het tweede en derde lid, worden punten toegekend, waarop de wegingsfactoren worden toegepast als vermeld in de tabel opgenomen in bijlage 2bij deze regeling, wat leidt tot een totaal aantal punten van maximaal 100.
5. In aanvulling op het vierde lid worden aan aanvragen voor projecten die worden uitgevoerd in een land uit de categorie A, bedoeld in bijlage 1bij deze regeling, 4 extra punten toegekend, indien op basis van de beoordeling van de aanvraag minimaal 65% punten zijn toegekend.
6. Indien twee of meer aanvragen voor projecten op dezelfde plaats in de rangschikking terechtkomen en deze plaats samenvalt met het op grond van artikel 4, voor die projecten beschikbare deel van het subsidieplafond, wordt door middel van loting de definitieve plaats in de rangschikking bepaald.