BWBR0037852
Geldig vanaf 2023-01-25
Artikel 1c
Wet bescherming klokkenluiders
1. Gelet op artikel 9, tweede lid, onderdeel g, van de Algemene verordening gegevensbescherming, is het verbod om bijzondere categorieën van persoonsgegevens als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0040940" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">paragraaf 3.1 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming</a>te verwerken niet van toepassing indien de verwerking geschiedt door het Huis en de verwerking noodzakelijk is voor de uitvoering van de taken, bedoeld in artikel 3a, tweede lid, onderdelen a tot en met c, en derde lid, onderdelen a tot en met c, en artikel 17b, tweede lid, onder voorwaarde dat bij die uitvoering is voorzien in zodanige waarborgen dat de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene niet onevenredig wordt geschaad.
2. Gelet op artikel 10 van de Algemene verordening gegevensbescherming mag het Huis persoonsgegevens van strafrechtelijke aard als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0040940" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">paragraaf 3.2 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming</a>verwerken, indien de verwerking noodzakelijk is voor de taken, bedoeld in het eerste lid.
2. Gelet op artikel 10 van de Algemene verordening gegevensbescherming mag het Huis persoonsgegevens van strafrechtelijke aard als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0040940" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">paragraaf 3.2 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming</a>verwerken, indien de verwerking noodzakelijk is voor de taken, bedoeld in het eerste lid.