BWBR0037688
Geldig vanaf 2016-03-15
Artikel 2a
Regeling tijdelijke tolheffing Blankenburgverbinding en ViA15
1. Een vrijstelling als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de wet, geldt voor alle motorrijtuigen die zich bevinden in een rijrichting van een wegvak waar tol wordt geheven waarop een calamiteit heeft plaatsgevonden op het moment dat alle rijstroken in een rijrichting van het betreffende wegvak als gevolg van die calamiteit zijn afgesloten.
2. Een vrijstelling als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de wet, geldt voor alle motorrijtuigen die zich bevinden in een rijrichting van een wegvak waar tol wordt geheven op het moment dat alle rijstroken in een rijrichting van een hoofdweg, niet zijnde een wegvak waar tol wordt geheven, zijn afgesloten als gevolg van een calamiteit en het verkeer wordt omgeleid over een wegvak waar tol wordt geheven.
3. De vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, geldt alleen voor motorrijtuigen die de calamiteit nog niet waren gepasseerd voordat de betreffende rijstroken werden afgesloten.
2. Een vrijstelling als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de wet, geldt voor alle motorrijtuigen die zich bevinden in een rijrichting van een wegvak waar tol wordt geheven op het moment dat alle rijstroken in een rijrichting van een hoofdweg, niet zijnde een wegvak waar tol wordt geheven, zijn afgesloten als gevolg van een calamiteit en het verkeer wordt omgeleid over een wegvak waar tol wordt geheven.
3. De vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, geldt alleen voor motorrijtuigen die de calamiteit nog niet waren gepasseerd voordat de betreffende rijstroken werden afgesloten.