BWBR0037546
Geldig vanaf 2016-01-18
Artikel 13
Wet pleziervaartuigen 2016
1. Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze wet bepaalde zijn belast de door Onze Minister aangewezen ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport.
2. Onze Minister kan tevens ambtenaren van een andere diensttak aanwijzen voor het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze wet bepaalde. Indien hij ambtenaren van een ander ministerie aanwijst, doet hij dit in overeenstemming met zijn ambtgenoot die het mede aangaat.
3. Van een besluit als bedoeld in het tweede lid wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.
4. Het in het eerste en tweede lid bedoelde toezicht omvat mede de activiteiten en maatregelen in het kader van het markttoezicht.
2. Onze Minister kan tevens ambtenaren van een andere diensttak aanwijzen voor het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze wet bepaalde. Indien hij ambtenaren van een ander ministerie aanwijst, doet hij dit in overeenstemming met zijn ambtgenoot die het mede aangaat.
3. Van een besluit als bedoeld in het tweede lid wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.
4. Het in het eerste en tweede lid bedoelde toezicht omvat mede de activiteiten en maatregelen in het kader van het markttoezicht.