BWBR0037469
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 7
Uitvoeringsbesluit identificatie- en rapportagevoorschriften Common Reporting Standard
1. Een rapporterende financiële instelling volgt met betrekking tot nieuwe entiteitsrekeningen, met inachtneming van bijlage II, onder 2, van Richtlijn 2011/16/EU, de procedures die zijn opgenomen in bijlage I, deel VI, van Richtlijn 2011/16/EU om vast te stellen of sprake is van te rapporteren rekeningen.
2. Met betrekking tot een rapporterende financiële instelling die op basis van een wijziging van omstandigheden weet of redenen heeft om te weten dat de laatst verkregen eigen verklaring van een rekeninghouder of van een uiteindelijk belanghebbende dan wel andere documentatie die verband houdt met het vaststellen of de rekening een te rapporteren rekening is, onjuist of onbetrouwbaar is, is artikel 6, derde en vierde lid, van overeenkomstige toepassing.
3. Indien een rapporterende financiële instelling met betrekking tot een nieuwe rekening als gevolg van bijzondere omstandigheden niet tijdig een eigen verklaring kan verkrijgen om voor de rapportageperiode waarin die rekening is geopend aan haar verplichtingen op grond van het eerste en tweede lid en de artikelen 10b tot en met 10f van de wette voldoen, volgt zij met betrekking tot die rekening de procedures die zijn opgenomen in bijlage I, deel V, van Richtlijn 2011/16/EUtotdat zij die eigen verklaring heeft verkregen en de juistheid daarvan heeft bevestigd.
2. Met betrekking tot een rapporterende financiële instelling die op basis van een wijziging van omstandigheden weet of redenen heeft om te weten dat de laatst verkregen eigen verklaring van een rekeninghouder of van een uiteindelijk belanghebbende dan wel andere documentatie die verband houdt met het vaststellen of de rekening een te rapporteren rekening is, onjuist of onbetrouwbaar is, is artikel 6, derde en vierde lid, van overeenkomstige toepassing.
3. Indien een rapporterende financiële instelling met betrekking tot een nieuwe rekening als gevolg van bijzondere omstandigheden niet tijdig een eigen verklaring kan verkrijgen om voor de rapportageperiode waarin die rekening is geopend aan haar verplichtingen op grond van het eerste en tweede lid en de artikelen 10b tot en met 10f van de wette voldoen, volgt zij met betrekking tot die rekening de procedures die zijn opgenomen in bijlage I, deel V, van Richtlijn 2011/16/EUtotdat zij die eigen verklaring heeft verkregen en de juistheid daarvan heeft bevestigd.