BWBR0037129
Geldig vanaf 2015-10-29
Artikel 2
Regeling vaststelling van de bedragen landelijke gemiddelde personeelslast voortgezet onderwijs, kalenderjaar 2015 en 2016
1. Voor de directie bedraagt per 1 januari 2015 de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats:
a. € 81.986,87 voor schoolsoortgroep 1;
b. € 97.851,98 voor schoolsoortgroep 2;
c. € 96.807,51 voor schoolsoortgroep 3; en
d. € 94.035,49 voor schoolsoortgroep 4.
2. Voor de leraren bedraagt per 1 januari 2015 de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats:
a. € 75.151,41 voor schoolsoortgroep 1;
b. € 85.231,93 voor schoolsoortgroep 2;
c. € 81.068,05 voor schoolsoortgroep 3; en
d. € 77.151,04 voor schoolsoortgroep 4.
3. Voor het onderwijsondersteunend personeel bedraagt per 1 januari 2015 de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats € 45.213,19, ongeacht de schoolsoortgroep.
a. € 81.986,87 voor schoolsoortgroep 1;
b. € 97.851,98 voor schoolsoortgroep 2;
c. € 96.807,51 voor schoolsoortgroep 3; en
d. € 94.035,49 voor schoolsoortgroep 4.
2. Voor de leraren bedraagt per 1 januari 2015 de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats:
a. € 75.151,41 voor schoolsoortgroep 1;
b. € 85.231,93 voor schoolsoortgroep 2;
c. € 81.068,05 voor schoolsoortgroep 3; en
d. € 77.151,04 voor schoolsoortgroep 4.
3. Voor het onderwijsondersteunend personeel bedraagt per 1 januari 2015 de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats € 45.213,19, ongeacht de schoolsoortgroep.