BWBR0036965
Geldig vanaf 2021-12-07
Artikel 4
Beleidsregel versneld vwo en/of verrijkt vwo
1. De aanvraag dient ingediend te worden in de periode van 1 oktober tot 1 november van enig jaar bij de minister.
2. De minister beslist uiterlijk 1 februari volgend op de indiening over de aanvraag.
3. Eventuele toestemming geldt vanaf 1 augustus in het jaar van het besluit van de minister.
4. De minister verleent toestemming voor de duur van zes schooljaren.
5. Een aanvraag kan worden ingediend tot 1 november 2020. Daarna besluit de minister over verlenging van de beleidsregel.
6. De aanvraag voor het aanbieden van versneld vwo en/of verrijkt vwo wordt elektronisch ingediend, met behulp van het aanvraagformulier ‘Versneld vwo en/of verrijkt vwo’. Het formulier wordt beschikbaar gesteld op de website van de Dienst Uitvoering Onderwijs.
7. De aanvraag dient ondertekend te zijn door het bevoegd gezag van de school.
8. De aanvragen worden op volgorde van binnenkomst door DUO behandeld. Als tijdstip waarop de aanvraag is ontvangen, geldt het tijdstip waarop de aanvraag het systeem voor gegevensverwerking van de minister heeft bereikt.
9. Aanvragen die niet worden ingediend in de periode genoemd in het eerste lid, worden afgewezen.
2. De minister beslist uiterlijk 1 februari volgend op de indiening over de aanvraag.
3. Eventuele toestemming geldt vanaf 1 augustus in het jaar van het besluit van de minister.
4. De minister verleent toestemming voor de duur van zes schooljaren.
5. Een aanvraag kan worden ingediend tot 1 november 2020. Daarna besluit de minister over verlenging van de beleidsregel.
6. De aanvraag voor het aanbieden van versneld vwo en/of verrijkt vwo wordt elektronisch ingediend, met behulp van het aanvraagformulier ‘Versneld vwo en/of verrijkt vwo’. Het formulier wordt beschikbaar gesteld op de website van de Dienst Uitvoering Onderwijs.
7. De aanvraag dient ondertekend te zijn door het bevoegd gezag van de school.
8. De aanvragen worden op volgorde van binnenkomst door DUO behandeld. Als tijdstip waarop de aanvraag is ontvangen, geldt het tijdstip waarop de aanvraag het systeem voor gegevensverwerking van de minister heeft bereikt.
9. Aanvragen die niet worden ingediend in de periode genoemd in het eerste lid, worden afgewezen.