BWBR0036965
Geldig vanaf 2021-12-07
Artikel 3
Beleidsregel versneld vwo en/of verrijkt vwo
1. Leerlingen dienen het versnelde vwo in vijf jaar af te ronden. Een bevoegd gezag comprimeert het onderwijsprogramma zodanig dat voor het vierde leerjaar wordt gestart met vakken uit het profieldeel. Ook in het verrijkte programma dienen leerlingen voor het vierde leerjaar te starten met vakken uit het profieldeel.
2. Een zeer zwakke of zwakke school komt niet in aanmerking voor het aanbieden van versneld vwo en/of verrijkt vwo.
3. Het totaal aantal scholen, ten behoeve waarvan de minister toestemming verleent aan bevoegde gezagsorganen, is niet groter dan 25 procent van het totaal aantal scholen dat vwo aanbiedt in een provincie. Indien de onderbouw en de bovenbouw gegeven worden op verschillende vestingen, wordt voor de bepaling van 25 procent gekeken naar de vestiging waar het afsluitende onderwijs wordt verzorgd.
4. Een bevoegd gezag richt het versnelde en/of verrijkte programma in naast het reguliere vwo.
5. Een bevoegd gezag dient reeds alle zes leerjaren vwo aan te bieden op de betreffende school.
6. Een leerling moet in overleg met de school terug kunnen stromen naar het reguliere vwo.
7. Een bevoegd gezag dient een aanvraag in bij de minister. De aanvraag is voorzien van een plan van aanpak. In het plan van aanpak dienen de volgende elementen te zijn uitgewerkt.
a. visie van de school op toptalenten,
b. praktische opzet van het versneld vwo en/of verrijkt vwo met aandacht voor: de hoofdlijnen van het meerjarige programma, inzet van docenten, selectie van leerlingen, toelatingsbeleid en een beschrijving van de doelgroep, vestiging of vestigingen waar het onderbouw en bovenbouw onderwijs wordt verzorgd,
c. waarborg van terugvaloptie voor leerlingen die willen terugstromen in het reguliere vwo op de school,
d. waarborg van voldoende onderwijs voor leerlingen om aan de kerndoelen en het programma van toetsing en afsluiting te voldoen,
e. waarborg van de kwaliteit van versneld vwo en/of verrijkt vwo alsmede de reguliere onderwijsstromen van de school, en
f. opzet van eigen evaluatie waarin de tevredenheid van leerlingen, de onderwijsresultaten en de uitvoerbaarheid worden meegenomen.
8. Een schriftelijk bewijs van instemming van de medezeggenschapsraad met versneld vwo en/of verrijkt vwo moet worden overgelegd bij indiening van de aanvraag.
9. Een bevoegd gezag van een school waaraan toestemming wordt verleend om versneld vwo en/of verrijkt vwo aan te bieden, is verplicht om desgewenst gegevens over uitvoering, leerlingtevredenheid, doorstroom en leerresultaten aan te leveren bij de minister ten behoeve van evaluatieonderzoek.
2. Een zeer zwakke of zwakke school komt niet in aanmerking voor het aanbieden van versneld vwo en/of verrijkt vwo.
3. Het totaal aantal scholen, ten behoeve waarvan de minister toestemming verleent aan bevoegde gezagsorganen, is niet groter dan 25 procent van het totaal aantal scholen dat vwo aanbiedt in een provincie. Indien de onderbouw en de bovenbouw gegeven worden op verschillende vestingen, wordt voor de bepaling van 25 procent gekeken naar de vestiging waar het afsluitende onderwijs wordt verzorgd.
4. Een bevoegd gezag richt het versnelde en/of verrijkte programma in naast het reguliere vwo.
5. Een bevoegd gezag dient reeds alle zes leerjaren vwo aan te bieden op de betreffende school.
6. Een leerling moet in overleg met de school terug kunnen stromen naar het reguliere vwo.
7. Een bevoegd gezag dient een aanvraag in bij de minister. De aanvraag is voorzien van een plan van aanpak. In het plan van aanpak dienen de volgende elementen te zijn uitgewerkt.
a. visie van de school op toptalenten,
b. praktische opzet van het versneld vwo en/of verrijkt vwo met aandacht voor: de hoofdlijnen van het meerjarige programma, inzet van docenten, selectie van leerlingen, toelatingsbeleid en een beschrijving van de doelgroep, vestiging of vestigingen waar het onderbouw en bovenbouw onderwijs wordt verzorgd,
c. waarborg van terugvaloptie voor leerlingen die willen terugstromen in het reguliere vwo op de school,
d. waarborg van voldoende onderwijs voor leerlingen om aan de kerndoelen en het programma van toetsing en afsluiting te voldoen,
e. waarborg van de kwaliteit van versneld vwo en/of verrijkt vwo alsmede de reguliere onderwijsstromen van de school, en
f. opzet van eigen evaluatie waarin de tevredenheid van leerlingen, de onderwijsresultaten en de uitvoerbaarheid worden meegenomen.
8. Een schriftelijk bewijs van instemming van de medezeggenschapsraad met versneld vwo en/of verrijkt vwo moet worden overgelegd bij indiening van de aanvraag.
9. Een bevoegd gezag van een school waaraan toestemming wordt verleend om versneld vwo en/of verrijkt vwo aan te bieden, is verplicht om desgewenst gegevens over uitvoering, leerlingtevredenheid, doorstroom en leerresultaten aan te leveren bij de minister ten behoeve van evaluatieonderzoek.