BWBR0036758
Geldig vanaf 2021-12-11
Artikel 4.10.4
Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies
1. De subsidie bedraagt ten hoogste 80% van de subsidiabele kosten.
2. De subsidie bedraagt ten minste € 50.000,- en ten hoogste € 200.000,- per project.
3. De minister verdeelt per openstelling het subsidieplafond op volgorde van rangschikking van de aanvragen.
4. Indien blijkt dat het totale bedrag van de te verlenen subsidies voor projecten als bedoeld in artikel 4.10.1, tweede lid, https://wetten.overheid.nl/BWBR0035474/2021-05-17 - Hoofdstuk2_Titeldeel2.4_Paragraaf2.4.6_Artikel2.4.24onderdeel a, subonderdeel a, lager is dan het daarvoor vastgestelde subsidieplafond, wordt het overblijvende bedrag zo nodig aan het subsidieplafond toegevoegd voor overige projecten als bedoeld in artikel 4.10.1, tweede lid.
5. Indien blijkt dat het totale bedrag van de te verlenen subsidies voor projecten als bedoeld in artikel 4.10.1, tweede lid, onderdeel a, subonderdelen b tot en met f, en onderdeel b, lager is dan het daarvoor vastgestelde subsidieplafond, wordt het overblijvende bedrag zo nodig toegevoegd voor projecten als bedoeld in artikel 4.10.1, tweede lid, onderdeel a, subonderdeel a.
2. De subsidie bedraagt ten minste € 50.000,- en ten hoogste € 200.000,- per project.
3. De minister verdeelt per openstelling het subsidieplafond op volgorde van rangschikking van de aanvragen.
4. Indien blijkt dat het totale bedrag van de te verlenen subsidies voor projecten als bedoeld in artikel 4.10.1, tweede lid, https://wetten.overheid.nl/BWBR0035474/2021-05-17 - Hoofdstuk2_Titeldeel2.4_Paragraaf2.4.6_Artikel2.4.24onderdeel a, subonderdeel a, lager is dan het daarvoor vastgestelde subsidieplafond, wordt het overblijvende bedrag zo nodig aan het subsidieplafond toegevoegd voor overige projecten als bedoeld in artikel 4.10.1, tweede lid.
5. Indien blijkt dat het totale bedrag van de te verlenen subsidies voor projecten als bedoeld in artikel 4.10.1, tweede lid, onderdeel a, subonderdelen b tot en met f, en onderdeel b, lager is dan het daarvoor vastgestelde subsidieplafond, wordt het overblijvende bedrag zo nodig toegevoegd voor projecten als bedoeld in artikel 4.10.1, tweede lid, onderdeel a, subonderdeel a.