BWBR0036702
Geldig vanaf 2022-01-01
Artikel 30
Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015
1. Op de jaarrekening, bedoeld in artikel 35, eerste lid, van de wet, en het jaarverslag, bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de wet, zijn niet van toepassing de volgende artikelen van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek:
a. artikel 361 lid 2 eerste volzin, zinsnede «en de in artikel 360 lid 3 bedoelde stichtingen en verenigingen»;
b. artikel 362 lid 7 eerste volzin en tweede volzin vanaf «omschreven», en leden 8 en 9;
c. artikel 373 lid 5;
d. artikel 378 leden 2, 3 en 4;
e. artikel 383a;
f. artikel 384 lid 1 tweede volzin, voor zover die volzin betrekking heeft op de waardering van onroerende zaken;
g. artikel 384 lid 6, voor zover dat lid betrekking heeft op de waardering van onroerende zaken;
h. artikel 388, voor zover dat artikel betrekking heeft op de waardering van onroerende zaken;
i. artikel 389 leden 4 en 5;
j. artikel 391 lid 1 vijfde volzin vanaf «gesteld»;
k. artikel 392 lid 1 onder a en e, en leden 3, 4 en 5;
l. artikel 394 lid 1 tweede volzin, zinsnede «of, als dat niet is vervaardigd, een exemplaar in het Frans, Duits of Engels,», en lid 4 eerste volzin, zinsnede «de zelfde taal of» en tweede volzin, zinsnede «a,»,
m. artikel 395 lid 2 vierde volzin;
m. artikel 395a;
o. artikel 396;
p. artikel 397;
q. artikel 398 leden 3 en 5;
r. artikel 406 leden 3, 4 en 5;
s. artikel 408 lid 1 onder d en e en
t. artikel 414 lid 5.
2. Voor de toepassing van de afdelingen 2 tot en met 8, 10, 11, 13en 16 van titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboekop de jaarrekening, bedoeld in artikel 35, eerste lid, van de wet, en het jaarverslag, bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de wet, wordt in die afdelingen:
a. in artikel 379 lid 2 onder b voor «leden 1 tot en met 7» gelezen «leden 1, 2, 3, 6 en 7»;
b. in artikel 397 lid 7 voor «onderdelen e en f» gelezen «onderdeel f»;
c. in artikel 398 lid 2 voor «leden 3 tot en met 8» gelezen «leden 3, 4 en 5».
a. artikel 361 lid 2 eerste volzin, zinsnede «en de in artikel 360 lid 3 bedoelde stichtingen en verenigingen»;
b. artikel 362 lid 7 eerste volzin en tweede volzin vanaf «omschreven», en leden 8 en 9;
c. artikel 373 lid 5;
d. artikel 378 leden 2, 3 en 4;
e. artikel 383a;
f. artikel 384 lid 1 tweede volzin, voor zover die volzin betrekking heeft op de waardering van onroerende zaken;
g. artikel 384 lid 6, voor zover dat lid betrekking heeft op de waardering van onroerende zaken;
h. artikel 388, voor zover dat artikel betrekking heeft op de waardering van onroerende zaken;
i. artikel 389 leden 4 en 5;
j. artikel 391 lid 1 vijfde volzin vanaf «gesteld»;
k. artikel 392 lid 1 onder a en e, en leden 3, 4 en 5;
l. artikel 394 lid 1 tweede volzin, zinsnede «of, als dat niet is vervaardigd, een exemplaar in het Frans, Duits of Engels,», en lid 4 eerste volzin, zinsnede «de zelfde taal of» en tweede volzin, zinsnede «a,»,
m. artikel 395 lid 2 vierde volzin;
m. artikel 395a;
o. artikel 396;
p. artikel 397;
q. artikel 398 leden 3 en 5;
r. artikel 406 leden 3, 4 en 5;
s. artikel 408 lid 1 onder d en e en
t. artikel 414 lid 5.
2. Voor de toepassing van de afdelingen 2 tot en met 8, 10, 11, 13en 16 van titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboekop de jaarrekening, bedoeld in artikel 35, eerste lid, van de wet, en het jaarverslag, bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de wet, wordt in die afdelingen:
a. in artikel 379 lid 2 onder b voor «leden 1 tot en met 7» gelezen «leden 1, 2, 3, 6 en 7»;
b. in artikel 397 lid 7 voor «onderdelen e en f» gelezen «onderdeel f»;
c. in artikel 398 lid 2 voor «leden 3 tot en met 8» gelezen «leden 3, 4 en 5».