BWBR0036191
Geldig vanaf 2023-12-04
Artikel 4a
Regeling extra vergunningen publieke mediadienst
1. Voor de verlening van een vergunning als bedoeld in artikel 3.8 van de wetaan elk van de lokale publieke media-instellingen van de gemeenten Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht is, voor zover dat technisch mogelijk is en doelmatig frequentiegebruik zich daartegen niet verzet, capaciteit beschikbaar voor één programmakanaal voor de lokale verspreiding van multiculturele radioprogramma’s die overwegend zijn bestemd voor jongeren en jong volwassenen, in een allotment waarvan het dekkingsgebied geheel of gedeeltelijk overlapt met de gemeenten Amsterdam, Den Haag, Rotterdam of Utrecht.
2. De in het eerste lid bedoelde capaciteit vormt één achttiende deel van de capaciteit van het desbetreffende allotment en is bestemd voor het in elk geval gelijktijdig digitaal uitzenden van de radioprogramma’s die worden uitgezonden in de FM-band met gebruikmaking van de vergunning, bedoeld in artikel 4.
2. De in het eerste lid bedoelde capaciteit vormt één achttiende deel van de capaciteit van het desbetreffende allotment en is bestemd voor het in elk geval gelijktijdig digitaal uitzenden van de radioprogramma’s die worden uitgezonden in de FM-band met gebruikmaking van de vergunning, bedoeld in artikel 4.