BWBR0035982
Geldig vanaf 2015-01-01
Artikel 4
Regeling bedrijfscommissie voor de overheid 2015
1. Iedere belanghebbende kan de bedrijfscommissie overheid verzoeken te bemiddelen bij een geschil, indien op grond van artikel 36, eerste lid, van de Wet op de ondernemingsradeneen verzoek kan worden ingediend bij de kantonrechter.
2. De ondernemingsraad en de ondernemer kunnen de bedrijfscommissie overheid verzoeken te bemiddelen bij een geschil, indien op grond van artikel 36, tweede lid, van de Wet op de ondernemingsradeneen verzoek kan worden ingediend bij de kantonrechter.
3. De ondernemingsraad en ieder lid van de ondernemingsraad of van een commissie van die raad kunnen de bedrijfscommissie overheid verzoeken te bemiddelen bij een geschil, indien op grond van artikel 18, vierde lid, van de Wet op de ondernemingsradeneen verzoek kan worden ingediend bij de kantonrechter.
4. Een in te dienen verzoek als bedoeld in het eerste tot en met derde lid moet voldoen aan de volgende voorwaarden:
a. partijen bij het geschil hebben overeenstemming over het verzoek om bemiddeling door de bedrijfscommissie overheid;
b. partijen zien af van de gang naar de kantonrechter zolang de bemiddeling van de bedrijfscommissie overheid duurt, dan wel bij niet geslaagde bemiddeling de bedrijfscommissie overheid haar advies heeft uitgebracht; en
c. het verzoek is voldoende omschreven, gemotiveerd en gedocumenteerd.
5. De voorwaarde bedoeld in onderdeel b van het vierde lid, is niet van toepassing als partijen het geschil al aan de kantonrechter hebben voorgelegd en zijn ingegaan op de door de kantonrechter geboden mogelijkheid te proberen het geschil op te lossen zonder uitspraak van de kantonrechter.
6. Bij een verzoek om bemiddeling kan de verzoeker vragen om behandeling volgens de verkorte bemiddelprocedure, zoals beschreven in paragraaf 3.2.
2. De ondernemingsraad en de ondernemer kunnen de bedrijfscommissie overheid verzoeken te bemiddelen bij een geschil, indien op grond van artikel 36, tweede lid, van de Wet op de ondernemingsradeneen verzoek kan worden ingediend bij de kantonrechter.
3. De ondernemingsraad en ieder lid van de ondernemingsraad of van een commissie van die raad kunnen de bedrijfscommissie overheid verzoeken te bemiddelen bij een geschil, indien op grond van artikel 18, vierde lid, van de Wet op de ondernemingsradeneen verzoek kan worden ingediend bij de kantonrechter.
4. Een in te dienen verzoek als bedoeld in het eerste tot en met derde lid moet voldoen aan de volgende voorwaarden:
a. partijen bij het geschil hebben overeenstemming over het verzoek om bemiddeling door de bedrijfscommissie overheid;
b. partijen zien af van de gang naar de kantonrechter zolang de bemiddeling van de bedrijfscommissie overheid duurt, dan wel bij niet geslaagde bemiddeling de bedrijfscommissie overheid haar advies heeft uitgebracht; en
c. het verzoek is voldoende omschreven, gemotiveerd en gedocumenteerd.
5. De voorwaarde bedoeld in onderdeel b van het vierde lid, is niet van toepassing als partijen het geschil al aan de kantonrechter hebben voorgelegd en zijn ingegaan op de door de kantonrechter geboden mogelijkheid te proberen het geschil op te lossen zonder uitspraak van de kantonrechter.
6. Bij een verzoek om bemiddeling kan de verzoeker vragen om behandeling volgens de verkorte bemiddelprocedure, zoals beschreven in paragraaf 3.2.