BWBR0035899
Geldig vanaf 2014-12-12
Artikel 11
Besluit luchtverkeer 2014
1. Het is verboden een luchtvaartuig of ander voorwerp tijdens de vlucht te slepen.
2. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op de vluchten waarbij:
a. een zeilvliegtuig of zweefvliegtuig wordt gesleept;
b. een sleepnet wordt gesleept;
c. voor militaire doeleinden wordt gesleept.
3. Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld ten aanzien van de vluchten, bedoeld in het tweede lid.
4. Onverminderd het tweede lid kan Onze Minister vrijstelling of ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het eerste lid. Aan de vrijstelling of ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden. De vrijstelling of ontheffing kan onder beperkingen worden verleend.
5. Het is verboden in strijd te handelen met de voorschriften, bedoeld in het vierde lid.
2. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op de vluchten waarbij:
a. een zeilvliegtuig of zweefvliegtuig wordt gesleept;
b. een sleepnet wordt gesleept;
c. voor militaire doeleinden wordt gesleept.
3. Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld ten aanzien van de vluchten, bedoeld in het tweede lid.
4. Onverminderd het tweede lid kan Onze Minister vrijstelling of ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het eerste lid. Aan de vrijstelling of ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden. De vrijstelling of ontheffing kan onder beperkingen worden verleend.
5. Het is verboden in strijd te handelen met de voorschriften, bedoeld in het vierde lid.