BWBR0035899
Geldig vanaf 2014-12-12
Artikel 10
Besluit luchtverkeer 2014
1. Het is verboden voorwerpen of stoffen af te werpen of te sproeien tijdens de vlucht.
2. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op het afwerpen of sproeien van:
a. los zand;
b. water;
c. stoffen ter bevordering of ter bescherming van het milieu, dan wel de land-, tuin- of bosbouw;
d. voorwerpen waarvan de massa niet meer is dan 200 gram per voorwerp;
e. voorwerpen en stoffen voor militaire doeleinden of uit militair luchtverkeer dat als OAT wordt aangemerkt.
3. Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld omtrent het afwerpen of sproeien van de stoffen en voorwerpen, bedoeld in het tweede lid.
4. Onverminderd het tweede lid kan Onze Minister vrijstelling of ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het eerste lid. Aan de vrijstelling of ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden. De vrijstelling of ontheffing kan onder beperkingen worden verleend.
5. Het is verboden in strijd te handelen met de voorschriften, bedoeld in het vierde lid.
2. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op het afwerpen of sproeien van:
a. los zand;
b. water;
c. stoffen ter bevordering of ter bescherming van het milieu, dan wel de land-, tuin- of bosbouw;
d. voorwerpen waarvan de massa niet meer is dan 200 gram per voorwerp;
e. voorwerpen en stoffen voor militaire doeleinden of uit militair luchtverkeer dat als OAT wordt aangemerkt.
3. Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld omtrent het afwerpen of sproeien van de stoffen en voorwerpen, bedoeld in het tweede lid.
4. Onverminderd het tweede lid kan Onze Minister vrijstelling of ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het eerste lid. Aan de vrijstelling of ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden. De vrijstelling of ontheffing kan onder beperkingen worden verleend.
5. Het is verboden in strijd te handelen met de voorschriften, bedoeld in het vierde lid.