BWBR0035773
Geldig vanaf 2014-11-23
Artikel 4
Organisatie- en mandaatbesluit directoraat-generaal voor Fiscale Zaken
1. De directeuren van de in bijlage 1 van het Organisatie- en mandaatbesluit ministerie van Financiëngenoemde directies en hun plaatsvervangers hebben binnen het kader van hun jaarplannen en binnen door de minister of namens de minister door de secretaris-generaal of de algemene leiding van het directoraat-generaal voor Fiscale Zaken gegeven richtlijnen mandaat tot het nemen van besluiten en afdoen van stukken betreffende alle beleidsaangelegenheden die behoren tot hun werkterrein genoemd in bijlage 1 van het Organisatie- en mandaatbesluit ministerie van Financiën.
2. De in het eerste lid toegekende mandaten kunnen binnen het kader van hun taken ook worden uitgeoefend door de onder de directeuren ressorterende functionarissen die daartoe worden gemandateerd in bijlage 2.
3. Over vraagstukken die van politiek gevoelige of anderszins zwaarwegende aard zijn, treden mandaathouders in overleg met de algemene leiding van het directoraat-generaal voor Fiscale Zaken en/of met de bewindspersoon die het aangaat.
4. De ondertekening van uitgaande stukken zal luiden als volgt:
DE MINISTER VAN FINANCIËN, resp. DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN,
namens deze,
(handtekening)
gevolgd door naam en functie van de (onder)gemandateerde functionaris.
2. De in het eerste lid toegekende mandaten kunnen binnen het kader van hun taken ook worden uitgeoefend door de onder de directeuren ressorterende functionarissen die daartoe worden gemandateerd in bijlage 2.
3. Over vraagstukken die van politiek gevoelige of anderszins zwaarwegende aard zijn, treden mandaathouders in overleg met de algemene leiding van het directoraat-generaal voor Fiscale Zaken en/of met de bewindspersoon die het aangaat.
4. De ondertekening van uitgaande stukken zal luiden als volgt:
DE MINISTER VAN FINANCIËN, resp. DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN,
namens deze,
(handtekening)
gevolgd door naam en functie van de (onder)gemandateerde functionaris.