BWBR0035441
Geldig vanaf 14-02-2009
Artikel 4
Besluit directeuren tot verlening ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging personele aangelegenheden Kadaster
1. Aan het bestuur blijft voorbehouden de bevoegdheid tot het vaststellen van beleidsregels.
2. Een functionaris aan wie ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging is verleend, is niet bevoegd een besluit te nemen, noch om een privaatrechtelijke rechtshandeling of een andere handeling dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten met betrekking tot hemzelf.
3. Een functionaris aan wie ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging is verleend, is niet bevoegd een besluit met een mogelijke precedentwerking te nemen. Een functionaris als bedoeld in de eerste zin legt een besluit als bedoeld in die zin steeds aan het bestuur ter beslissing voor. De eerste en tweede zin zijn van overeenkomstige toepassing op een privaatrechtelijke rechtshandeling en een andere handeling dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling.
2. Een functionaris aan wie ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging is verleend, is niet bevoegd een besluit te nemen, noch om een privaatrechtelijke rechtshandeling of een andere handeling dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten met betrekking tot hemzelf.
3. Een functionaris aan wie ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging is verleend, is niet bevoegd een besluit met een mogelijke precedentwerking te nemen. Een functionaris als bedoeld in de eerste zin legt een besluit als bedoeld in die zin steeds aan het bestuur ter beslissing voor. De eerste en tweede zin zijn van overeenkomstige toepassing op een privaatrechtelijke rechtshandeling en een andere handeling dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0035441
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl