BWBR0035441
Geldig vanaf 14-02-2009
Artikel 2
Besluit directeuren tot verlening ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging personele aangelegenheden Kadaster
1. De directeur Rechtszekerheid verleent aan elk lid van zijn managementteam dat hoofd van een afdeling is, uitsluitend voor zover het gaat om personeelsleden van zijn eigen afdeling, een algemeen ondermandaat, algemene ondervolmacht en algemene ondermachtiging ten aanzien van de bevoegdheden die aan de directeur Rechtszekerheid zijn verleend op grond van artikel 2, eerste en tweede lid, van het besluit, met dien verstande dat van het ondermandaat, de ondervolmacht en de ondermachtiging worden uitgezonderd:
a. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen inzake de verhoging van salarissen, bedoeld in artikel 3:7 Akarn;
b. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen inzake de toekenning van toelagen als bedoeld in de artikelen 3:21 en 3:22 Akarn;
c. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen inzake de toekenning van buitengewoon verlof, bedoeld in artikel 5:10 Akarn;
d. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen, bedoeld in artikel 6:3 Akarn;
e. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen, bedoeld in artikel 6:4, tweede lid, tweede zin, Akarn;
f. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen, bedoeld in artikel 8:14 Akarn, voor zover het bedrag der vergoeding gelijk is aan of hoger is dan vijfduizend euro;
g. de bevoegdheid tot vaststelling van het bestaan van een schorsing van rechtswege, bedoeld in artikel 9:1 Akarn;
h. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in de artikelen 9:1 tot en met 9:6 Akarn;
i. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in de artikelen 10:17 en 10:18 Akarn;
j. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen, bedoeld in artikel 12:1, tweede lid, Akarn, voor zover het gaat om beslissingen inzake het aanstellen, benoemen, verplaatsen in dan wel naar een hogere dan formele schaal.
2. De directeur GEO verleent aan elk lid van zijn managementteam dat hoofd van een afdeling is, uitsluitend voor zover het gaat om personeelsleden van zijn eigen afdeling, een algemeen ondermandaat, algemene ondervolmacht en algemene ondermachtiging ten aanzien van de bevoegdheden die aan de directeur GEO zijn verleend op grond van artikel 2, eerste en tweede lid, van het besluit, met dien verstande dat van het ondermandaat, de ondervolmacht en de ondermachtiging worden uitgezonderd de bevoegdheden omschreven in het eerste lid, onder a tot en met j.
3. De directeur Services verleent aan elk lid van zijn managementteam dat hoofd van een afdeling is, uitsluitend voor zover het gaat om personeelsleden van zijn eigen afdeling, een algemeen ondermandaat, algemene ondervolmacht en algemene ondermachtiging ten aanzien van de bevoegdheden die aan de directeur Services zijn verleend op grond van artikel 2, eerste en tweede lid, van het besluit, met dien verstande dat van het ondermandaat, de ondervolmacht en de ondermachtiging worden uitgezonderd de bevoegdheden omschreven in het eerste lid, onder a tot en met j.
4. De directeur Services verleent aan het hoofd van de afdeling Interne Services, lid van zijn managementteam, een algemeen ondermandaat, algemene ondervolmacht en algemene ondermachtiging ten aanzien van de bevoegdheden die aan de directeur Services zijn verleend op grond van artikel 2, zesde lid, van het besluit, met uitzondering van de bevoegdheden, bedoeld in artikel 2, zesde lid, tweede zin, onder b, van het besluit.
5. De directeur Services verleent aan het hoofd van de afdeling ICT-Services, lid van zijn managementteam, een algemeen ondermandaat, algemene ondervolmacht en algemene ondermachtiging ten aanzien van de bevoegdheden die aan de directeur Services zijn verleend op grond van artikel 2, zesde lid, tweede zin, onder b, van het besluit.
a. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen inzake de verhoging van salarissen, bedoeld in artikel 3:7 Akarn;
b. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen inzake de toekenning van toelagen als bedoeld in de artikelen 3:21 en 3:22 Akarn;
c. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen inzake de toekenning van buitengewoon verlof, bedoeld in artikel 5:10 Akarn;
d. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen, bedoeld in artikel 6:3 Akarn;
e. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen, bedoeld in artikel 6:4, tweede lid, tweede zin, Akarn;
f. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen, bedoeld in artikel 8:14 Akarn, voor zover het bedrag der vergoeding gelijk is aan of hoger is dan vijfduizend euro;
g. de bevoegdheid tot vaststelling van het bestaan van een schorsing van rechtswege, bedoeld in artikel 9:1 Akarn;
h. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in de artikelen 9:1 tot en met 9:6 Akarn;
i. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in de artikelen 10:17 en 10:18 Akarn;
j. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen, bedoeld in artikel 12:1, tweede lid, Akarn, voor zover het gaat om beslissingen inzake het aanstellen, benoemen, verplaatsen in dan wel naar een hogere dan formele schaal.
2. De directeur GEO verleent aan elk lid van zijn managementteam dat hoofd van een afdeling is, uitsluitend voor zover het gaat om personeelsleden van zijn eigen afdeling, een algemeen ondermandaat, algemene ondervolmacht en algemene ondermachtiging ten aanzien van de bevoegdheden die aan de directeur GEO zijn verleend op grond van artikel 2, eerste en tweede lid, van het besluit, met dien verstande dat van het ondermandaat, de ondervolmacht en de ondermachtiging worden uitgezonderd de bevoegdheden omschreven in het eerste lid, onder a tot en met j.
3. De directeur Services verleent aan elk lid van zijn managementteam dat hoofd van een afdeling is, uitsluitend voor zover het gaat om personeelsleden van zijn eigen afdeling, een algemeen ondermandaat, algemene ondervolmacht en algemene ondermachtiging ten aanzien van de bevoegdheden die aan de directeur Services zijn verleend op grond van artikel 2, eerste en tweede lid, van het besluit, met dien verstande dat van het ondermandaat, de ondervolmacht en de ondermachtiging worden uitgezonderd de bevoegdheden omschreven in het eerste lid, onder a tot en met j.
4. De directeur Services verleent aan het hoofd van de afdeling Interne Services, lid van zijn managementteam, een algemeen ondermandaat, algemene ondervolmacht en algemene ondermachtiging ten aanzien van de bevoegdheden die aan de directeur Services zijn verleend op grond van artikel 2, zesde lid, van het besluit, met uitzondering van de bevoegdheden, bedoeld in artikel 2, zesde lid, tweede zin, onder b, van het besluit.
5. De directeur Services verleent aan het hoofd van de afdeling ICT-Services, lid van zijn managementteam, een algemeen ondermandaat, algemene ondervolmacht en algemene ondermachtiging ten aanzien van de bevoegdheden die aan de directeur Services zijn verleend op grond van artikel 2, zesde lid, tweede zin, onder b, van het besluit.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0035441
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl