BWBR0035356
Geldig vanaf 2014-08-01
Artikel 13
Regeling minimum VFR-vlieghoogten en VFR-vluchten buiten de daglichtperiode voor militaire vliegtuigen en helikopters
Voor vluchten met militaire helikopters waarbij gebruik wordt gemaakt van nachtzichtapparatuur, mag alleen van de gebieden of route, bedoeld in artikel 9, eerste lid, gebruik worden gemaakt, indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:
a. de vluchten worden met ontstoken navigatielichten uitgevoerd; indien de intensiteit van de navigatielichten de taakuitvoering van de vlieger nadelig beïnvloedt, is het toegestaan de navigatielichten te dimmen of te doven;
b. indien mogelijk wordt radiocontact onderhouden met het AOCS NM;
c. er wordt te allen tijde voor ander luchtverkeer uitgeweken.
a. de vluchten worden met ontstoken navigatielichten uitgevoerd; indien de intensiteit van de navigatielichten de taakuitvoering van de vlieger nadelig beïnvloedt, is het toegestaan de navigatielichten te dimmen of te doven;
b. indien mogelijk wordt radiocontact onderhouden met het AOCS NM;
c. er wordt te allen tijde voor ander luchtverkeer uitgeweken.